Overwegingen Hof: Een publiekrechtelijk orgaan voor de werkgelegenheid,
dat zich bezighoudt met arbeidsbemiddeling, kan voor de toepassing van de
mededingingsregels van de Gemeenschap als een onderneming worden aangemerkt,
omdat deze kwalificatie in de context van het mededingingsrecht van toepassing
is op elke eenheid die een economische activiteit uitoefent, ongeacht haar
rechtsvorm en de wijze waarop zij wordt gefinancierd. Als onderneming belast
met het beheer van diensten van algemeen economisch belang en overeenkomstig
artikel 90, lid 2, EEG-Verdrag, is een publiekrechtelijk orgaan voor de
werkgelegenheid, dat zich bezighoudt met arbeidsbemiddeling, onderworpen aan de
mededingingsregels, en met name aan het verbod van artikel 86 EEG-Verdrag
(mededinging, misbruik van machtspositie), voor zover de toepassing van deze
bepaling de vervulling van de hem toevertrouwde bijzondere taak niet
verhindert. De lidstaat die hem voor die bemiddeling een uitsluitend recht
heeft verleend, maakt inbreuk op artikel 90, lid 1, EEG-Verdrag, wanneer hij
een situatie in het leven roept waarin handelen in strijd met artikel 86 voor
dat orgaan onontkoombaar is. Dit is met name het geval wanneer:
- het uitsluitend recht het bemiddelen van hoger en leidinggevend personeel van
ondernemingen omvat;
- het publiekrechtelijk orgaan voor de werkgelegenheid kennelijk niet in staat
is aan de vraag naar dat soort bemiddeling te voldoen;
- de daadwerkelijke bemiddelingsactiviteit van particuliere adviesbureaus voor
werving en selectie onmogelijk wordt gemaakt door de handhaving van een
wettelijke bepaling die die activiteit verbiedt op straffe van nietigheid van
de betrokken overeenkomsten;
- de betrokken bemiddelingsactiviteiten zich kunnen uitstrekken tot de
onderdanen of het grondgebied van andere lidstaten.
Aangezien de verdragsbepalingen inzake het vrij verrichten van diensten niet
van toepassing kunnen zijn op activiteiten die zich in al hun relevante
aspecten in een enkele lidstaat afspelen, kan een in een lidstaat gevestigd
adviesbureau voor werving en selectie zich met betrekking tot het bemiddelen
tussen onderdanen en ondernemingen van die lidstaat niet beroepen op de
artikelen 7 en 59 EEG-Verdrag (beginsel van de vrije dienstverlening).