HomeDossiersStaatssteunVoorpaginaMKB

Staatssteun

Voorpagina Kernvragen Wet- en regelgeving Uitspraken Procedures Info&Service
 

MKB

18-02-2007
Staatssteun MKB intro
Kleine en middelgrote ondernemingen (MKB) spelen een beslissende rol in het scheppen van arbeidsplaatsen en dragen bij tot economische stabiliteit en groei. Hun ontwikkeling kan echter door de onvolkomenheden van de markt worden afgeremd. Zij kunnen vaak moeilijk kapitaal of krediet verkrijgen en hebben door hun beperkte middelen soms moeilijk toegang tot informatie, met name over nieuwe technologie en potentiële markten. Daarom staat de Eropese Commissie positief tegenover staatssteun die de ontwikkeling van de economische bedrijvigheid van het MKB  vergemakkelijkt, mits de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt daardoor niet zodanig worden veranderd dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad. Decentrale overheden die steun aan het MKB verlenen, kunnen deze onder de vrijstellingsverordening voor het MKB laten vallen. Andere vormen van steun aan het MKB kan de Commissie goedkeuren op basis van regels die gelden op het gebied van bijvoorbeeld, risicokapitaal of O&O.
13-10-2010
Staatssteun wetgeving MKB steun definitie MKB
De definitie van een kleine en middelgrote onderneming (KMO)
De uniforme Europese definitie voor kleine en middelgrote ondernemingen moet worden gevolgd als decentrale overheden staatssteun toekennen aan KMO's. Volgens de definitie van de Commissie die zij in de Aanbeveling betreffende kleine, middelgrote en micro-ondernemingen doet, heeft een middelgrote onderneming minder dan 250 werknemers, en een kleine minder dan 50. Een onderneming dient zelfstandig te zijn en een beperkte jaaromzet te hebben. Voor partnerondernemingen en verbonden ondernemingen (bijvoorbeeld binnen een concern) gelden specifieke regels voor afbakening. Zie voor gedetailleerde criteria de bovengenoemde aanbeveling. De criteria worden toegepast op een onderneming in haar geheel, inclusief dochterondernemingen (ook buiten Nederland).

Handboek staatssteun aan kleine en middelgrote ondernemingen
In 2009 is het ‘Handboek voor staatssteunregels voor Kleine- en Middelgrote Ondernemingen (KMO)’ van de Commissie verschenen. Het Handboek geeft een bondige en vereenvoudigde samenvatting van de mogelijkheden voor staatssteun aan  KMO’s op grond van de Europese staatssteunregelgeving. Hierbij gaat het Handboek zowel in op het algemene staatssteunkader als op bijvoorbeeld mogelijke maatregelen gedurende de huidige financiële crisis. Voor decentrale overheden, die zich steeds vaker een stimulerende rol voor het Midden- en Kleinbedrijf wensen aan te meten, kan het Handboek een behulpzaam instrument ter toetsing van mogelijke staatssteun zijn.

Meer informatie
Handbook on community state aid rules for SME’s
Handreiking van de Commissie ‘The new SME definition’ (in het Engels).
13-10-2010
Staatssteun algemene vrijstellingsverordening
Op 29 augustus 2008 is een 'algemene groepsvrijstellingsverordening' voor staatssteun in werking getreden. Daardoor kunnen (decentrale) overheden bepaalde steun verlenen zonder dat zij dit vooraf bij de Commissie hoeven te melden. Met de Verordening nr. 800/2008 wil de Commissie lidstaten (en decentrale overheden) stimuleren om hun overheidsmiddelen in te zetten voor steunmaatregelen die reëel bijdragen aan het scheppen van banen en het versterken van het Europese concurrentievermogen. Ook streeft zij naar vermindering van de administratieve lasten. De Europese Commissie heeft de nieuwe groepsvrijstellingsverordening op 7 juli 2008 vastgesteld.
De nieuwe algemene groepsvrijstellingsverordening stroomlijnt en bundelt de bepalingen van vijf bestaande afzonderlijke verordeningen tot één geheel, te weten MKB-steun, steun ten behoeve van onderzoek en ontwikkeling (O&O) voor het MKB, werkgelegenheidssteun, opleidingssteun en regionale steun. Om de overgangsperiode te overbruggen werd de geldigheidsduur van de 'oude' vrijstellingsverordeningen nr. 2204/2002 (werkgelegenheidssteun), 70/2001 (steun aan het MKB en O&O) en 68/2001 (opleidingssteun) verlengd van 30 juni 2008 tot de inwerkingtreding van de nieuwe algemene groepsvrijstellingsverordening op 28 augustus 2008. Zie de Beschikking van de Commissie 2008/484/EG.

Nieuwe categorieën steun
De verordening is verruimd met een nieuwe vrijstelling voor milieusteun, innovatiesteun, O&O-steun voor grote ondernemingen, steun in de vorm van risicokapitaal, steun voor nieuw opgerichte kleine ondernemingen en steun voor nieuwe, door vrouwelijke ondernemers opgerichte ondernemingen. Hierdoor worden er 26 in plaats van 10 verschillende vormen van staatssteun vrijgesteld van de voorafgaande aanmeldingsplicht. Ook landbouwbedrijven die zich bezighouden met de verwerking en verkoop van landbouwproducten vallen onder de nieuwe verordening.

Achtergrond
De Commissie had in haar Actieplan Staatssteun (2005) een aanpassing van de geldende vrijstellingsverordeningen aangekondigd. In 2007 en 2008 heeft zij twee meerdere consultaties over het voorstel gehouden waaraan ook de VNG en het IPO hun bijdrage hebben geleverd. De nieuwe vrijstelling past ook in het beleid van de Commissie om midden- en kleinbedrijf in verschillende fases van hun ontwikkeling te stimuleren. Deze doelstelling heeft zij ook benadrukt in de recent aangenomen Small Business Act (SBA) voor Europa.

Overzicht vrijstellingsmogelijkheden

Met de algemene groepsvrijstellingsverordening mag steun worden verleend voor de volgende doelstellingen:
- investeringen en werkgelegenheid in het MKB
- nieuwe, door vrouwelijke ondernemers opgerichte kleine ondernemingen
- consultancy ten behoeve van het MKB
- deelneming MKB aan beurzen
- verschaffing van risicokapitaal
- onderzoek en ontwikkeling
- technische haalbaarheidsstudies
- de kosten van industriële-eigendomsrechten voor het MKB
- O&O, ook in de landbouw- en visserijsector
- innovatieve starters
- innovatieadviesdiensten en diensten inzake innovatieondersteuning
- het uitlenen van hooggekwalificeerd personeel
- opleiding
- loonsubsidies voor de indienstneming van kwetsbare werknemers
- loonsubsidies voor het in dienst hebben van gehandicapte werknemers
- compensatie van de additionele kosten voor het in dienst hebben van gehandicapte werknemers
- regionale investeringen en werkgelegenheid
- nieuw opgerichte kleine ondernemingen in steungebieden
- investeringen om verder te gaan dan de EU-normen inzake milieubescherming
- aanschaf van transportvoertuigen die verder gaan dan de EU-normen inzake milieubescherming
- vroege aanpassing MKB aan toekomstige milieunormen
- investeringen in energiebesparende maatregelen
- investeringen in hoogefficiënte warmtekrachtkoppeling
- investeringen ter bevordering van energie uit hernieuwbare energiebronnen
- milieustudies
- belastingverminderingen ten behoeve van het milieu.

Meer informatie
De algemene groepsvrijstellingsverordening nr. 800/2008.
Reactie IPO en VNG op de ontwerp-groepsvrijstellingsverordening
Reactie Nederland over de ontwerp-AGVV
Website Europese Commissie waar alle reactie terug te vinden zijn
17-02-2009
Staatssteun landbouw vrijstellingsverordening
Sinds 1 januari 2007 geldt voor de landbouwsector de Vrijstellingsverordening nr. 1857/2006. Volgens deze verordening zijn bepaalde soorten steun aan kleine en middelgrote ondernemingen vrijgesteld van aanmeldingsplicht bij de Commissie. Met deze verordening wordt een nieuwe methodiek geïntroduceerd. Deze vrijstelling is van toepassing op steun voor het landbouw-MKB dat in de primaire productie van landbouwproducten actief is (behalve artikel 9 van de verordening). Steun ten behoeve van afzet en verwerking van landbouwproducten door het MKB valt onder de Vrijstellingsverordening nr. 70/2001.

Ook steun die vóór de inwerkingtreding van deze verordening (zonder goedkeuring van de Commissie) is verleend, maar die wel aan de voorwaarden van de verordening voldoet, zal als verenigbaar met de gemeenschappelijke markt worden beschouwd. De steun die onder de ‘oude’ Vrijstellingsverordening nr. 1/2004 is verleend en aan alle voorwaarden van de ‘nieuwe’ vrijstellingsverordening voldoet, blijft vrijgesteld.

De vrijgestelde categorieën van steun zijn onder meer:
- Investeringssteun in landbouwbedrijven tot 40%;
- Instandhouding van traditionele landschappen en gebouwen tot 100%;
- Verplaatsing van landbouwbedrijven in algemeen belang tot 100%;
- Steun aan jonge landbouwers en steun voor vervroegde uittreding;
- Steun voor producentengroeperingen;
- Steun met betrekking tot dier- en plantenziekten en door ongunstige weersomstandigheden veroorzaakte verliezen;
- Steun ter bevordering van de productie van kwaliteitslandbouwproducten;
- Technische ondersteuning.

De meeste landbouwbedrijven vallen onder de definitie van een midden- en kleinbedrijf (tot 250 werknemers, 50 miljoen euro jaaromzet of minder dan 43 miljoen euro jaarlijkse balanstotaal). De afschaffing van de voorafgaande aanmeldingsplicht houdt een verlichting van administratieve lasten in. Tegelijkertijd voorziet de verordening in strenge eisen voor rapportage. Uiterlijk tien dagen voor de inwerkingtreding van een steunmaatregel dient een decentrale overheid de informatie over deze steun ter bekendmaking in het Publicatieblad van de EU aan de Commissie te sturen. Daarnaast stelt de lidstaat eens per jaar een verslag op. Een dossier over de verstrekte steun dient gedurende tien jaar te worden bewaard. Voor informatie- en rapportageverplichtingen zie Procedures.
13-02-2007
Staatssteun wetgeving risicokapitaal
Vanaf 18 augustus 2006 zijn nieuwe richtsnoeren van kracht aan de hand waarvan de Europese Commissie bepaalt wanneer staatssteun ten behoeve van risicokapitaalinvesteringen in middelgrote en kleine ondernemingen (MKB) verenigbaar is met de staatssteunregels van het EG-Verdrag. Risicokapitaal wordt gedefinieerd als aandelenfinanciering die aan ondernemingen wordt verstrekt die zich in hun start- en ontwikkelingsfase bevinden. Deze kaderregeling is ook relevant voor decentrale overheden die middelen in risicokapitaalfondsen investeren.

Richtsnoeren risicokapitaal
Deze Communautaire richtsnoeren inzake staatssteun ter bevordering van risicokapitaalinvesteringen in kleine en middelgrote ondernemingen bevatten de regels die uiteenzetten onder welke voorwaarden er sprake is van steun in de vorm van risicokapitaal en welke criteria de Commissie zal toepassen wanneer zij een maatregel toetst. De richtsnoeren verbeteren de toegang tot financiering voor MKB’en in hun eerste ontwikkelingsfase, voornamelijk wanneer alternatieve financiering via de financiële markten ontbreekt. De richtsnoeren vervangen de Mededeling staatssteun en risicokapitaal uit 2001. Zij beogen een verbeterde toegang tot risicokapitaal, vooral voor innoverende ondernemingen. Meer investeringen kunnen tevens tot milieuvriendelijkere productie leiden, bijvoorbeeld door middel van energiebesparing.

De richtsnoeren zijn van toepassing op risicokapitaalmaatregelen ten behoeve van investeringen in het MKB gedurende hun eerste groeifasen (‘seed-, aanloop- en expansiefase’), waarin financiering zowel van de overheid als van particuliere investeerders afkomstig is. Deze richtsnoeren zijn alleen van toepassing op risicokapitaalregelingen en worden niet toegepast op ad-hoc maatregelen voor individuele ondernemingen.

Investeringsdrempel
Een belangrijke wijziging in de richtsnoeren is de investeringsdrempel van 1,5 miljoen euro per MKB gedurende een periode van 12 maanden, een stijging met 50% ten opzichte van de vorige drempel. In deze gevallen gaat de Commissie ervan uit dat alternatieve financiering via de financiële markten ontbreekt en er sprake is van een marktfalen. Wordt deze drempel overschreden, dan maakt de Commissie een gedetailleerde beoordeling vanwege het grotere risico van verstoring van mededinging, en moet de overheid marktfalen aantonen. De toepassing van verschillende beoordelingswijzen naar gelang van de economische impact vormt een belangrijke wijziging.

Snelle beoordelingsprocedure
Ook voorzien de richtsnoeren in een snelle beoordelingsprocedure voor duidelijke gevallen die aan bepaalde voorwaarden voldoen en beoordelingscriteria die waarborgen dat overheidsfinanciering als hefboom werkt voor particuliere investeringen, gericht is op marktfalen en evenredig is.

Een snelle beoordeling wordt verricht ten aanzien van maatregelen die aan alle onderstaande voorwaarden voldoen:
- zij betreffen investeringen van minder dan 1,5 miljoen euro in een MKB gedurende een periode van 12 maanden;
- zij betreffen financiering tot de expansiefase voor MKB in steungebieden, en tot de aanloopfase voor middelgrote ondernemingen buiten steungebieden;
- ten minste 70% van het totale budget wordt in de vorm van aandelenkapitaal en hybride kapitaalinstrumenten verschaft en niet in de vorm van schuldinstrumenten;
- de financiering moet buiten steungebieden ten minste voor 50%, en in steungebieden voor 30% afkomstig zijn van particuliere investeerders;
- de investeringsbesluiten moeten winstgericht zijn, d.w.z. er moet sprake zijn van particuliere deelneming, levensvatbare businessplannen en een heldere exitstrategie;
- het fondsbeheer moet op zakelijke basis plaatsvinden, d.w.z. de vergoeding van de fondsbeheerders moet gekoppeld zijn aan de winst van het fonds, particuliere investeerders vertegenwoordigd moeten zijn, en het beheer moet behoorlijke reguleringsnormen in acht nemen;
- de gerichtheid op een bepaalde sector is mogelijk voor fondsen die in innoverende technologieën of sectoren investeren.

Een gedetailleerde beoordeling wordt toegepast op:
- maatregelen waarbij de investering een bedrag van 1,5 miljoen euro in een MKB gedurende een periode van 12 maanden overschrijdt;
- maatregelen die financiering verschaffen voor de expansiefase van middelgrote ondernemingen buiten steungebieden;
- maatregelen waarmee vervolginvesteringen in MKB's worden gefinancierd en waarbij het bedrag van 1,5 miljoen euro en de early-growth-financieringsfase worden overschreden;
- maatregelen met een particuliere deelneming van minder dan 50% buiten steungebieden of minder dan 30% in steungebieden;
- maatregelen die zich toespitsen op het verstrekken van ‘seed capital’ aan kleine ondernemingen waarin weinig of geen particuliere investeerders deelnemen en/of de nadruk ligt op financiering via schuldinstrumenten;
- maatregelen waarbij investeringsvehikels betrokken zijn (d.w.z. alternatieve marktplaatsen);
- maatregelen waarmee kosten worden gedekt die verband houden met het doorlichten van ondernemingen alvorens tot investering over te gaan ('scoutingkosten').

Praktijk
Voor een voorbeeld van de toepassing van desbetreffende Europese regels op decentraal niveau in het verleden zie het Agro & Co kapitaalfonds (Provincie Noord-Brabant). Dit is een risicokapitaalfonds dat deelneemt in initiatieven die bijdragen aan zogenaamde systeeminnovaties in de agrarische sector waarvoor financiering uit de markt moeilijk is te vinden.
Een ander recent voorbeeld (20.12.2006) is de Risicokapitaalregeling 'Duurzame Energie' van de Provincie Noord-Holland. De provincie is voornemens een investeringsfonds op te richten. Dit fonds heeft tot doel het investeren in middelgrote en kleinde ondernemingen die zich bezighouden met onderzoek naar en de ontwikkeling van technologieën van duurzame energie, en die voornemens zijn nieuwe producten en diensten op de markt te brengen.