Op 10 juni 2008 hebben de ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid uit de lidstaten van de Europese Unie een akkoord bereikt over een nieuwe Arbeidstijdenrichtlijn, waardoor er een eind is gekomen aan de impasse rond deze Richtlijn uit 2003 (
IP/08/912). Het belangrijkste en meest controversiële aspect van het akkoord is de mogelijkheid om uitzonderingen toe te laten op de limiet van 48 uur tot een maximale werkweek van 65 uur. Het voorstel waarover nu een politiek akkoord is, moet nog worden besproken in het Europees Parlement en er tekenen zich grote tegenstellingen af tussen verschillende landen. De uitkomst van deze onderhandeling is voornamelijk van belang voor werknemers met aanwezigheidsdiensten, zoals ambulancepersoneel.
Het voorstel van de Commissie waarover de ministers spraken, ligt sinds 2005 op tafel en heeft tot doel de Arbeidstijdenrichtlijn uit 2003 te wijzigen. De belangrijkste punten uit de overeenkomst zijn de volgende:
- een onderscheid tussen actieve en niet-actieve wachttijden, waarbij alleen actieve wachttijd moet worden gerekend als werktijd;
- niet-actieve wachttijd kan worden gerekend als werktijd als dat middels nationale wetten of een overeenkomst tussen sociale partners wordt geregeld;
- de standaard limiet blijft 48 uur per week behalve als een individu kiest daar van te wijken (opt out regeling);
- de limiet voor werknemers die afwijken van de 48-urige werkweek is 60 uur behalve als sociale partners anders overeenkomen;
- de limiet voor werknemers waarvoor niet-actieve wachttijd wordt gerekend als werktijd is 65 uur per week;
- de laatstgenoemde limiet geldt voor werknemers die langer dan 10 weken bij één werkgever werkzaam zijn;
- de opt out regeling is gebonden aan bepaalde voorwaarden, bijvoorbeeld niet gedurende de eerste maand bij een werkgever.