HomeDossiersAanbestedingenJurisprudentiePubliekrechtelijke instelling

Aanbestedingen

Voorpagina Wet- en regelgeving Jurisprudentie Praktijk Info&Service
 

Publiekrechtelijke instelling

04-03-2011
Aanbesteden/jurisprudentie/Bayerischer Rundfunk
HvJ EG, 13 december 2007, zaak C-337/06, Bayerischer Rundfunk e.a. tegen GEWA
In deze zaak ging het om de aanbestedende dienst GEZ (publiekrechtelijk bestuurslichaam) – een centrale incassodienst opgericht door enkele Duitse publiekrechtelijke omroeporganisaties – die een aantal ondernemingen schriftelijk uitnodigt tot het doen van een aanbieding voor de opdracht van reinigingsdiensten in haar gebouwen in Keulen. In de loop van de maand augustus 2005 heeft de GEZ elf schoonmaakbedrijven schriftelijk verzocht om verbindende aanbiedingen voor reinigingsdiensten in haar gebouwen te Keulen. Er werd geen formele aanbestedingsprocedure overeenkomstig de gemeenschapsrechtelijke voorschriften uitgeschreven. De overeenkomst zou van 1 maart 2006 tot en met 31 december 2008 lopen, met de mogelijkheid van stilzwijgende verlenging met telkens één jaar. De GEZ raamde het geheel van de jaarlijkse kosten op meer dan 400 000 EUR. Er wordt geen formele aanbestedingsprocedure volgens de gemeenschapsrechtelijke voorschriften uitgeschreven. In november 2005 deelde de GEZ het bedrijf GEWA mee dat de opdracht niet aan hem gegund is. Deze inschrijver is van mening dat de schoonmaakopdracht Europees aanbesteed had moeten worden. Hierop stapt GEWA naar de Duitse Vergabekammer. Uit deze procedure komt een drietal prejudiciële vragen voort.
04-03-2011
Aanbesteden/jurisprudentie/SIEPSA
HvJ EG, 16 oktober 2003, zaak C-283/00, Commissie tegen Spanje (SIEPSA)
Deze zaak betrof een verzoek van de Commissie om vast te stellen dat Spanje door in het kader van de openbare aanbesteding voor het uitvoeren van de werken aan het Centro Educativo Penitenciario Experimental de Segovia (Experimenteel educatief-penitentiair centrum van Segovia), uitgeschreven door de Sociedad Estatal de Infraestructuras y Equipamientos Penitenciarios SA (SIEPSA), een ‘aanbestedende dienst’ in de zin van Richtlijn 93/37/EEG (thans vervangen door Richtlijn 2004/18/EG), waarvan het bedrag aanzienlijk hoger is dan de in de richtlijn vastgestelde drempel, niet aan de bepalingen van Richtlijn 93/37/EEG te voldoen, met name aan de regels inzake bekendmaking, de krachtens die richtlijn op de lidstaat rustende verplichtingen niet is nagekomen.

15-08-2009
Aanbesteden jurisprudentie Truley
HvJ EG 27 februari 2003, zaak C-373/00, Truley
In dit arrest wordt het begrip aanbestedende dienst/ publiekrechtelijke instelling uit de aanbestedingsrichtlijnen verder verduidelijkt voor wat betreft het criterium 'voorzien in behoeften van algemeen belang niet zijnde van industriële of commerciële aard' (in casu ging het om lijkbezorging) en het criterium 'toezicht op het beheer van de instelling'.
Ten aanzien van het laatste criterium oordeelt het Hof dat het niet gaat om alleen een controle van de bedrijfsvoering achteraf aangezien de overheid via een dergelijke controle de besluiten van de instelling terzake van de overheidsopdrachten per definitie niet kan beinvloeden.
15-08-2009
Aanbesteden jurisprudentie Commissie Frankrijk
HvJ EG 1 februari 2001, zaak C-237/99, Commissie/Frankrijk
Er is sprake van toezicht in de zin van de definitie van publiekrechtelijke instelling indien het toezicht door de overheid een afhankelijkheid schept die gelijkwaardig is aan die welke bestaat wanneer aan een van de andere twee criteria is voldaan. In deze casus oordeelde het Hof dat het beheer van de betrokken vennootschappen was onderworpen aan toezicht door de overheid, dat deze in staat stelt de beslissingen van de vennootschappen op het gebied van overheidsopdrachten te beinvloeden.
15-08-2009
Aanbesteden jurisprudentie University of Cambridge
HvJ EG 3 oktober 2000, zaak C-380/98, University of Cambridge
In deze zaak verduidelijkt het Hof het vereiste van 'financiering, toezicht of zeggenschap door een andere aanbestedende dienst' binnen de definitie van publiekrechtelijke instelling. Ook al kan de wijze van financiering van een bepaalde instelling erop duiden dat die instelling in hoge mate afhankelijk is van een andere aanbestedende dienst, daar staat tegenover dat het hier niet om een absoluut criterium gaat. Niet alle betalingen door een aanbestedende dienst hebben tot gevolg, dat een bepaalde ondergeschikheids- of afhankelijkheidsrelatie ontstaat of wordt verdiept. Alleen prestaties die de activiteiten van de betrokken entitieit financieren of ondersteunen door financiele steun te verstrekken zonder dat daar een specifieke tegenprestatie tegenover staat, kunnen worden aangemerkt als openbare financiering.  
04-03-2011
Aanbesteden Jurisprudentie Arnhem Rheden BFI
Hof Arnhem 15 februari 2000, rolnr. KG 95/403, gemeenten Arnhem en Rheden tegen BFI Holding, Arnhem/Rheden/ BFI Holding B.V. (LJN AA 4837)
In dit geding was de vraag aan de orde of ARA als een aanbestedende dienst in de zin van de aanbestedingsrichtlijn diende te worden aangemerkt, zodat de gemeenten met recht een beroep konden doen op de uitzondering van het alleenrecht. Daarbij was met name aan de orde of ARA in de woorden van de richtlijn ‘is opgericht met het specifieke doel te voorzien in behoeften van algemeen belang andere dan die van industriële of commerciële aard'. De vraag werd aan de orde gesteld of het bij de onderhavige ophaaldienst van huishoudelijk afval al dan niet ging om een behoefte van algemeen belang anders dan die van industriële of commerciële aard.

04-03-2011
Aanbesteden jurisprudentie BFI Holding
HvJ EG 10 november 1998, zaak C-360/96, BFI Holding
In deze zaak overwoog het Hof het volgende.

In de definitie van publiekrechtelijke instelling wordt alleen gesproken van de behoefte waarin de instelling moet voorzien. Daarin wordt geheel buiten beschouwing gelaten of in deze behoeften al dan niet ook door particuliere ondernemingen kan worden voorzien.
04-03-2011
Aanbesteden Jurisprudentie Mannesmann
HvJ EG 15 januari 1998, zaak C-44/96, Mannesmann Austria
In deze zaak stelde het Hof dat de Oostenrijkste Staatsdrukkerij als aanbestedende dienst werd aangemerkt omdat zij is opgericht om als enige de vervaardiging van officiële documenten (paspoorten, rijbewijzen) waarvoor geheimhouding dan wel naleving van veiligheidsvoorschriften is geboden, te verzorgen. Daarnaast achtte het Hof het van belang dat de prijzen van het te vervaardigen drukwerk worden bepaald door de overheid en dat een overheidsorgaan is belast met het toezicht op het drukwerk waarvoor veiligheidsvoorschriften gelden. Een dergelijke autoriteit is ingevolge de desbetreffende wettelijke regeling opgericht om te voorzien in behoeften van algemeen belang andere dan die van industriële of commerciële aard. De door de Staatsdrukkerij verplicht te vervaardigen documenten houden immers nauw verband met de openbare orde en de institutionele werking van de staat, hetgeen een gegarandeerde voorziening vereist alsmede productievoorwaarden waardoor de naleving van vertrouwelijkheids- en veiligheidsnormen is verzekerd.

04-03-2011
Aanbesteden Jurisprudentie Beentjes
HvJ EG 20 september 1988, zaak 31/87, Beentjes/ Staat der Nederlanden
De Richtlijn Werken bevat geen regeling ten aanzien van aanvullende bijzondere voorwaarden (in dit geval de eis dat 70% van het totale arbeidspersoneel bij uitvoering van de opdracht ingeschreven werklozen uit Nederland betrof). Het Hof geeft aan dat dergelijke voorwaarden onverkort aan de Verdragsbeginselen dienen te worden getoetst en achtte in dit geval het beginsel van vrij verrichten van diensten en non discriminatie geschonden.
Indien een aanbestedende dienst aanvullende bijzondere voorwaarden stelt, moeten deze in de aankondiging worden opgenomen. (NB in de nieuwe aanbestedingsrichtlijn 2004/18 is sprake van in de aankondiging óf het bestek).