HomeDossiersStaatssteunWet- en regelgevingGaranties en leningen

Staatssteun

Voorpagina Kernvragen Wet- en regelgeving Uitspraken Procedures Info&Service
 

Garanties en leningen

26-02-2009
Staatssteun wetgeving Garanties en leningen
Overheidsgaranties aan ondernemingen kunnen een vorm van staatssteun zijn, als de begunstigde onderneming er een niet-marktconform voordeel aan ontleent. In een mededeling van 20 mei 2008 heeft de Europese Commissie verduidelijkt onder welke omstandigheden zij deze steun al dan niet toegestaan acht. De Mededeling vormt een herziening van bestaande regels, zet duidelijke en transparante methodieken uiteen voor het berekenen van het staatssteunbestanddeel in een garantie en vereenvoudigt de regels voor het MKB.

Belangrijkste kenmerken mededeling garanties 2008
In de Mededeling over staatssteun in de vorm van garanties (2008/C 155/02) hanteert de Commissie het beginsel van de ‘particuliere investeerder in een markteconomie’ (het market economy investor principle, MEIP) als uitgangspunt. Dit beginsel betekent dat investeringen of andere financiering van overheden voor ondernemingen niet als staatssteun worden beschouwd wanneer deze investeringen plaatsvinden op voorwaarden die voor een particuliere investeerder op de markt aanvaardbaar zouden zijn. Bij garanties betekent het dat een onderneming o.a. een marktconforme vergoeding voor de garantie dient te betalen. 

Als de overheid die de garantie verleent, als een particulier investeerder handelt (volgens het market economy investor principle), is er geen sprake van staatssteun. Hierbij gaat het om vragen of de begunstigde onderneming een marktconforme vergoeding voor de garantie heeft betaald, en of er sprake is van een risico dat ook een particulier investeerder bereid is te lopen. Garanties van de overheid die wel als staatsteun kunnen worden aangemerkt en leningen tegen betere financiële voorwaarden dan die op de markt verkrijgbaar zijn, moeten bij de Commissie ter goedkeuring worden aangemeld.

De vereenvoudiging van regels voor het MKB zijn de volgende:
- er gelden vooraf bepaalde ‘vrijhaven’-premies op basis van ratingklassen (op basis van kredietkwaliteit) gelden als marktconform en houden dus geen steun in. Zij kunnen ook worden gebruikt als referentie om het steunequivalent te berekenen in het geval van lagere premies. Deze methode met ‘vrijhaven’-premies is een vereenvoudigingsinstrument. Lidstaten hoeven deze echter niet te gebruiken wanneer ze denken aan te kunnen tonen dat lagere premies marktconform zijn;
- een premie van 3,8 % per jaar is van toepassing, zelfs indien er geen rating is, bijvoorbeeld voor startende ondernemingen;
- in het kader van een steunregeling kan één premie worden gehanteerd indien het gegarandeerde bedrag minder dan 2,5 miljoen euro per onderneming bedraagt.

Meer informatie
Veelgestelde vragen over staatssteun in de vorm van garanties, Europese Commissie

Mededeling over garanties 2000
De mededeling van de Commissie uit 2008 is in plaats getreden van de mededeling van de Commissie uit 2000. De 'oude' mededeling is nog steeds van toepassing op de bestaande garantiemaatregelen. Deze dienen echter uiterlijk 1 januari 2010 aan de nieuwe mededeling te worden aangepast, zover het nieuwe garanties betreft.

Staatssteunelement bij gesubsidieerde leningen
Wanneer een decentrale overheid een lening verstrekt aan een onderneming, dan is van belang of daarmee sprake is van een voordeel dat aan deze onderneming toegekend wordt dat onder normale marktomstandigheden niet verstrekt zou zijn. In de rechtspraak (zie onder 'Meer informatie') heeft het Hof van Justitie aangegeven dat bij een niet-marktconforme lening (een renteloze lening, lening tegen een lagere rente dan de marktrente, lening met een langere looptijd, een rentevergoeding of dergelijke) sprake kan zijn van staatssteun. Het bedrag van staatssteun is dan gelijk aan het verschil tussen de rente die zou zijn betaald indien een marktconform tarief was toegepast, bijvoorbeeld als er geleend was bij een bank, en de rente die werkelijk is betaald.

Om de berekening van de steuncomponent bij deze en andere vormen van staatssteun te verduidelijken heeft de Europese Commissie een nieuwe methode van referentie- en disconteringspercentages’ vastgesteld. De rente die op basis van deze methode wordt berekend zal de Commissie als indicatie van de marktrente gebruiken. Deze methode is op 1 juli 2008 in werking getreden.

Meer informatie
Dossier staatssteun/ Rentepercentage
Arrest T-214/95 Vlaams Gewest tegen de Commissie, 62&72/87 Executif Regional Wallon tegen de Commissie of C-301/87 Frankrijk tegen de Commissie.

Praktijk
Leningen
De Europese Commissie heeft in 2006 haar goedkeuring gegeven aan een steunmaatregelen waar enkele gemeenten en de BNG een lening aan de Vereniging van Aanbieders van Oud Papier (VAOP) hadden verstrekt (beschikking nr. C 15/2005). Na een onderzoeksprocedure heeft de Commissie geconstateerd dat de leningen onder voorwaarden werden verstrekt die ook voor een particuliere investeerder aanvaardbaar zouden zijn. Daardoor heeft VAOP geen niet-marktconform voordeel ontvangen dat op staatssteun wijst.

Garanties
De methodiek van de Mededeling over garanties die de Commissie toepast bij beoordeling van garantieregelingen komt voor in de beschikking over de Nederlandse Garantieregeling 'Groeifaciliteit' (2006) van het ministerie van EZ.

Een interessant voorbeeld van de toepassing van de mededeling over garanties is te vinden in de beschikking van de Europese Commissie inzake Marktpassageplan Haaksbergen nr. C 33/2005 (ex N277/2004) van 4 april 2006. In deze zaak had de gemeente o.a. toegezegd om 35 % van de mogelijke kosten in verband met schadevorderingen op grond van de toen geldende Wet op de Ruimtelijke Ordening (art. 49) aan de bij het project betrokken ontwikkelaars toe te kennen. Op basis van de mededeling over de garanties 2000 (punt 2.1.2) kwalificeerde de Commissie deze toezegging van de gemeente als een voordeel voor de ontwikkelaars: ‘het risico dat als gevolg van schadevorderingen vergoedingen moeten worden uitbetaald, wordt gedeeltelijk door de overheid gedragen’ en ‘de gemeente ontvangt voor deze gedeeltelijke garantie geen premie. Door deze maatregel ontlopen de ondernemingen derhalve de kosten die zij normaal in het kader van een bouwproject moeten dragen, hetzij in de vorm van een garantie/ verzekeringspremie, hetzij, indien zij geen verzekering afsluiten, in de vorm van voorzieningen voor de mogelijke uitkering van een schadevergoeding. Er is derhalve sprake van een voordeel.’ Kortom, wilde de gemeente het voordeel voorkomen, dan hadden de ontwikkelaars voor deze garantie een passende garantiepremie moeten betalen.

Meer informatie
Klinge-van Rooij, I., Stol, P., Staatssteun en gebiedsontwikkeling. De beschikking inzake ‘Marktpassage Haaksbergen’, in Vastgoedrecht 2006-5, p. 114-120.