HomeDossiersVrij verkeerVoorpaginaVerdragsbepalingen

Vrij verkeer

Voorpagina Personen Diensten Goederen Kapitaal Praktijk Info&Service
 

Verdragsbepalingen

11-01-2010
Verdragsbepalingen vrij verkeer
De beginselen van vrij verkeer vinden hun oorsprong in het EU-Werkingsverdrag. Deze verdragsbepalingen hebben rechtstreekse werking. Ze zijn dus rechtstreeks op decentrale overheden van toepassing. Een schending van het vrije verkeer kan betekenen dat een staatsburger van een andere EU-lidstaat die door een Nederlandse decentrale overheid direct of indirect gediscrimineerd wordt, op grond van deze schending naar de nationale rechter kan stappen.
28-03-2007
Vrij verkeer personen wetgeving
Het vrij verkeer van personen wordt naast deze ‘primaire’ wetgeving (de verdragsartikelen) in belangrijke mate beheerst door secundaire wetgeving (verordeningen en richtlijnen). De verordeningen en richtlijnen regelen procedurele dan wel inhoudelijke aspecten van de vrij algemeen geformuleerde verdragsartikelen. De verordeningen dienen rechtstreeks te worden toegepast door de decentrale overheden. De richtlijnen worden door de lidstaat Nederland omgezet in de nationale wet- en regelgeving. De secundaire wetgeving is ondergeschikt aan het Verdrag.
11-01-2010
Vrij verkeer algemene verdragsbepalingen
De algemene Verdragsbepalingen
Hieronder een overzicht van de algemene verdragsbepalingen die over vrij verkeer gaan.
Artikel 2 EG (geschrapt, ten gronde vervangen door art. 3 VEU) noemt het ‘instellen van een gemeenschappelijke markt’.
Artikel 3 EG (geschrapt, ten gronde vervangen door de artikelen 3 tot en met 6 VWEU) noemt ‘een interne markt, gekenmerkt door de afschaffing tussen de lidstaten van hinderpalen voor het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal’.
Artikel 12 EG (art. 18 VWEU) bepaalt dat discriminatie op grond van nationaliteit is verboden.
Artikel 14 EG (art. 26 VWEU) stelt dat de interne markt ‘een ruimte zonder binnengrenzen’ omvat, waarin het vrije verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal is gewaarborgd.
Artikel 17 EG (art. 20 VWEU) stelt het burgerschap van de Unie vast dat geldt voor alle onderdanen van de lidstaten.
Artikel 18 EG (art. 21 VWEU) waarborgt het recht op vrij verkeer en verblijf binnen de EU voor de burgers.

De vier vrijheden zijn in afzonderlijke Verdragsartikelen vastgelegd, zie daarvoor de afzonderlijke tabs in dit dossier. De jurisprudentie van het Hof van Justitie, die eveneens in de verschillende tabs besproken zal worden, speelt een belangrijke rol bij de interpretatie van de Verdragsartikelen.
03-01-2007
Structuur van Europees recht op het gebied van vrij verkeer
Hieronder is de Europeesrechtelijke structuur op het gebied van vrij verkeer weergegeven.