HomeDossiersWerkgelegenheid en sociaal beleidArbeidsomstandighedenGelijke behandeling

Werkgelegenheid en sociaal beleid

Voorpagina Aanbesteden & Staatssteun Arbeidsomstandigheden Subsidies Info&Service Praktijk
 

Gelijke behandeling

11-01-2010
Gelijke behandeling algemeen
Tot dusver hebben de acties van de Commissie op het gebied van het sociale beleid doorgaans de vorm aangenomen van gerichte maatregelen ten behoeve van bepaalde groepen met specifieke behoeften, zoals gehandicapten en vrouwelijke werknemers. Het door het Verdrag van Amsterdam ingevoerde nieuwe Artikel 13 van het EG-Verdrag (art. 19 VWEU) behelst een niet-discriminatiebepaling, waarop Europese acties ter bestrijding van discriminatie op grond van geslacht, ras, etnische afstamming, godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid zijn gebaseerd. De beginselen van gelijke behandeling worden geïntegreerd in andere Europese programma’s en maatregelen zoals structuurfondsen. Op grond van de Artikelen 18 en 19 EU-Werkingsverdrag (voormalig art. 12 en 13 van het EG-Verdrag) kunnen op Europees niveau maatregelen worden genomen om discriminatie op grond van geslacht, ras of etnische afstamming, godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid te bestrijden.
07-03-2011
Nieuwe richtlijn gelijke behandeling
Nieuwe richtlijn gelijke behandeling
Op 2 juli 2008 heeft de Commissie een omvangrijk pakket maatregelen gepresenteerd om gelijke behandeling in de EU beter te kunnen verwezenlijken (COM(2008) 426). Het belangrijkste voorstel voor wetgeving is een richtlijn betreffende de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele geaardheid. Er zijn al eerder drie richtlijnen aangenomen: over discriminatie op grond van ras of etnische afstamming -zowel op als buiten de arbeidsmarkt-, over discriminatie op de arbeidsmarkt en over gelijke behandeling tussen mannen en vrouwen. Deze nieuwe richtlijn heeft betrekking op gelijke behandeling in het kader van de toegang tot sociale bescherming, sociale voordelen, gezondheidszorg, onderwijs en goederen en diensten. Op die terreinen moeten 'redelijke aanpassingen' worden gemaakt. Op 2 april 2009 heeft het Europees Parlement het voorstel voor de richtlijn aangenomen. Nu moet de Raad van Ministers het nog eens worden over het voorstel. Zie voor meer informatie het Europapoort dossier nr. E080071. Hier vindt u ook een samenvatting van het voorstel van de Commissie.

Factsheet van E-quality
In februari 2009 heeft E-quality, kenniscentrum voor emancipatie, gezin en diversiteit, een factsheet over de Brede Europese Richtlijn Gelijke Behandeling gepubliceerd. Hierin kunt u lezen wat er door het Nederlands Parlement en het Europees Parlement tot nu toe gezegd en besloten is over deze richtlijn en welke aanbevelingen NGO's in Nederland hebben geformuleerd voor de Nederlandse Europarlementariërs. Download hier het factsheet.

Meer informatie
Volg hier het wetgevingstraject
Website van E-quality
01-11-2010
Europese richtlijnen en Nederlandse wetten gelijke behandeling
Bestaande Europese richtlijnen en Nederlandse wetten
Er zijn tot nu toe drie richtlijnen aangenomen met betrekking tot gelijke behandeling. Deze richtlijnen stellen algemene beginselen vast om de discriminatie in arbeid en beroep te bestrijden. De richtlijnen bestrijken zowel directe als indirecte discriminatie op verschillende gebieden, zoals de werkgelegenheid, onderwijs, sociale zekerheid, gezondheidszorg en toegang tot goederen en diensten. Het gaat hierbij om de Richtlijn nr. 2000/78/EG betreffende de instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in arbeid en beroep. Deze richtlijn stelt de lidstaten in staat positieve acties van gelijke behandeling te handhaven of in te voeren. De tweede Richtlijn is de Richtlijn nr. 2000/43/EG betreffende de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht ras of etnische afstamming. De derde Richtlijn is Richtlijn nr. 2004/113/EG betreffende de uitvoering van het beginsel van gelijke behandeling van vrouwen en mannen bij de toegang tot en de levering van goederen en diensten (bijvoorbeeld verzekeringen en pensioenen).

Deze richtlijnen zijn in Nederland grotendeels geïmplementeerd door aanpassing van de Algemene wet gelijke behandeling (Awgb) en door aanname van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) en de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid (WGBL).

Ingebrekestelling
In maart 2008 heeft Nederland een ingebrekestelling ontvangen van de Europese Commissie waarin wordt gewezen op onjuiste implementatie van de Richtlijn 2000/43/EG. Het commentaar van de Europese Commissie is gericht op vijf aspecten van de Nederlandse wetgeving. Dit zijn de definitie van ‘indirect onderscheid’, het ontbreken van een verbod op indirecte discriminatie op grond van leeftijd, de uitzonderingsmogelijkheid voor werkverhoudingen met een privé-karakter (zoals particuliere verzorging), de uitzonderingsmogelijkheid binnen kerkgenootschappen en het geestelijk ambt en ten slotte het ontbreken van een dubbel toetsingskader. De Commissie Gelijke Behandeling (CGB) heeft de minister van Binnenlandse Zaken geadviseerd om de Algemene wet op gelijke behandeling (Awgb) aan te passen aan de letterlijke tekst van de Europese Richtlijn. Het advies van de CGB gaat uitgebreid op deze vijf knelpunten in en concludeert dat de Commissie gelijk heeft, behalve bij de constatering dat een verbod op indirecte discriminatie op grond van leeftijd ontbreekt. De andere vier punten van kritiek zijn volgende de CGB terecht en de wet zal om die reden moeten worden aangepast. Zie verder de website van de Europese Commissie over ingebrekestelling (Engelstalig).
14-07-2011
Gelijke behandeling vrouwen en mannen
Gelijke behandeling vrouwen en mannen
In het Verdrag van Amsterdam worden gelijke kansen voor mannen en vrouwen verankerd als één van de doelstellingen van de Gemeenschap (Artikel 2 van het EG-Verdrag (geschrapt, ten gronde vervangen door de artikelen 3 tot en met 6 VWEU)). De bepalingen met betrekking tot de gelijke behandeling van mannelijke en vrouwelijke werknemers vallen onder het Artikel 157 VWEU (voormalig art. 141 van het EG-Verdrag).

Gelijke behandeling van vrouwen en mannen is een grondbeginsel van de democratie. Toch bestaat er nog steeds discriminatie. Zo zijn vrouwen in Europa vaker werkloos dan mannen en vormen zij de hoofdmoot van de deeltijdwerkers. Een van de beginselen van het beleid is gelijke beloning voor gelijke arbeid zonder discriminatie op grond van het geslacht.

Sinds 1975 is een reeks Europese richtlijnen goedgekeurd om gelijkheid van mannen en vrouwen op de arbeidsmarkt te bewerkstelligen. De richtlijnen spitsen zich toe op gelijke beloning van mannelijke en vrouwelijke werknemers, gelijke behandeling bij toegang tot de arbeid, de carrièremogelijkheden en beroepsopleidingen. Er worden mogelijkheden tot positieve acties geboden. Daarnaast bestaan er richtlijnen voor gelijkheid van de sociale zekerheidsregelingen en ouderschapsverlof en de verbetering van de gezondheid en veiligheid op het werk.

Het gaat hierbij om de volgende richtlijnen:
- Richtlijn nr. 75/117/EEG De toepassing van het beginsel van gelijke beloning voor mannelijke en vrouwelijke werknemers;
- Richtlijn nr. 76/207/EEG Gelijke behandeling van mannen en vrouwen ten aanzien van de toegang tot het arbeidsproces, de beroepsopleiding en de promotiekansen en ten aanzien van de arbeidsvoorwaarden; Gewijzigd door Richtlijn nr. 2002/73/EG;
- Richtlijn nr. 79/7/EEG Gelijke behandeling van mannen en vrouwen op het gebied van de sociale zekerheid;
- Richtlijn nr. 96/34/EG Ouderschapsverlof;
- Richtlijn nr. 92/85/EEG De verbetering van de veiligheid en de gezondheid op het werk van werkneemsters tijdens de zwangerschap, na de bevalling en tijdens lactatie;
- Richtlijn nr. 97/80/EG De bewijslast in gevallen van discriminatie op grond van het geslacht;
- Aanbeveling nr. 92/241/EEG betreffende kinderopvang;
- Aanbeveling nr. 92/131/EEG van de Commissie van 27 november 1991 betreffende de bescherming van de waardigheid van vrouwen en mannen op het werk.

De Routekaart voor de gelijkheid van vrouwen en mannen (2006-2010) beoogt vaart te zetten achter de agenda inzake gendergelijkheid, bouwt voort op de raamstrategie inzake de gelijkheid van mannen en vrouwen (2001-2005), intensiveert bestaande activiteiten en stelt nieuwe initiatieven voor. De routekaart beschrijft zes prioritaire actiegebieden en de voornaamste doelstellingen en acties voor elk actiegebied. In 2008 en 2010 zullen respectievelijk een voortgangsverslag en een evaluatie van de routekaart met vervolgmaatregelen worden gepresenteerd.

Subsidies op het gebied van gelijkheid tussen mannen en vrouwen kunt u zoeken via de website van het directoraat-generaal voor Werkgelegenheid en Sociale Zaken van de Europese Commissie.
17-02-2009
Gelijke behandeling Uitzendkrachten Uitzendrichtlijn
Gelijke behandeling uitzendkrachten
Op 6 december 2008 is de Europese Uitzendrichtlijn in werking getreden (2008/104/EG, PbEU L327/9 van 5.12.2008). Deze richtlijn regelt de gelijke behandeling van uitzendkrachten en werknemers van inlenende organisaties door een kader op te richten voor arbeidsvoorwaarden. De implementatiewetgeving die zal volgen uit deze richtlijn is vooral van belang voor uitzendbureaus, maar raakt decentrale overheden ook in hun rol als werkgever. Nederland en de andere Europese lidstaten hebben tot 5 december 2011 de tijd om de Europese wetgeving om te zetten. Hiervoor is het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid verantwoordelijk.

Hiermee is goedgekeurd dat uitzendkrachten vanaf de eerste dag dezelfde rechten zullen hebben als de gewone werknemers in hetzelfde bedrijf. Dit betreft zaken als loon, ouderschapsverlof, gebruik van bijvoorbeeld transportdiensten, etc. Daarnaast wordt het standaard maximaal aantal werkuren per week 48 uur, en moeten uitzendkrachten verbeterde toegang krijgen tot opleidingsmogelijkheden. Werkgevers behouden echter vrijheid om met hun werknemers te onderhandelen over eventuele uitzonderingen en deze vast te leggen in een arbeidsovereenkomst.

De Europese vakbond ETUC en de Eurocommissaris voor werkgelegenheid en sociale zaken Vladimir Spidla verwelkomen de aanname van de richtlijn als teken dat een ‘Sociaal Europa’ mogelijk is waarin rechten van alle werknemers worden gegarandeerd. De Nederlandse Europarlementariër van de PvdA Ieke van den Burg was gedurende zes jaar rapporteur van het voorstel voor deze richtlijn, en in die rol verantwoordelijk voor het rapport waarover het hele Europees Parlement heeft gestemd.

Meer informatie

Tekst Uitzendrichtlijn
(PbEU L327/9 van 5.12.2008)