HomeDossiersAanbestedingenVoorpaginaDuurzaam

Aanbestedingen

Voorpagina Wet- en regelgeving Jurisprudentie Praktijk Info&Service
 

Duurzaam

17-03-2011
Aanbesteden algemeen duurzaam
Het aspect duurzaamheid speelt een steeds belangrijker rol binnen overheidsaanbestedingen. Ook decentrale overheden voelen steeds vaker de behoefte om binnen het inkoop- en aanbestedingsbeleid aandacht te besteden aan duurzame inkoop. De aanbestedingsrichtlijnen besteden ook expliciete aandacht aan duurzaamheid, bijvoorbeeld in rechtsoverweging 5 van richtlijn 2004/18. Daarin staat aangegeven dat ingevolge het EG Verdrag bijvoorbeeld eisen inzake milieubescherming geïntegreerd moeten worden in de omschrijving en uitvoering van het beleid en het optreden van de Gemeenschap, in het bijzonder met het oog op het bevorderen van duurzame ontwikkeling. De aanbestedingsrichtlijn 2004/18 verduidelijkt hoe aanbestedende diensten kunnen bijdragen tot de bescherming van het milieu en de bevordering van duurzame ontwikkeling op een wijze die het mogelijk maakt voor hun opdrachten de beste prijs- kwaliteitsverhouding te krijgen.

In de zomer van 2006 besloot de Tweede Kamer dat de rijksoverheid uiterlijk in 2010 bij alle aankopen of investeringen milieu- én sociale criteria moet toepassen. Het gaat daarbij om een inspanningsverplichting. Ook voor decentrale overheden is toen een inspanningsverplichting vastgelegd waarbij het zou gaan om 50 procent van het inkoopbudget dat met inachtname van duurzaamheidscriteria zou moeten worden aanbesteed. Om die doelstelling te halen, breidde SenterNovem - nu Agentschap NL - de bestaande milieuspecificaties uit en onderzocht de mogelijkheden voor de toepassing van sociale criteria en specificaties. Ook decentrale overheden werden uitgenodigd door SenterNovem om deel te nemen aan de openbare consultatierondes.

De VNG heeft in november 2007 het Klimaatakkoord Gemeenten en Rijk 2007 – 2011 gesloten, waarin is afgesproken dat in 2010 gemeenten hun producten en diensten voor 75 % duurzaam inkopen. Voor 2015 ligt de ambitie op 100 %. Afgesproken is onder meer dat gemeenten in 2010 bij 75 % van hun uitgaven aan producten en diensten waarvoor door Agentschap NL duurzaamheidscriteria zijn vastgesteld, deze criteria zullen toepassen. Ook de provincies hebben in hun Klimaat-Energieakkoord met het Rijk afgesproken in 2010 50 % duurzaam in te kopen. Waterschappen hebben de ambitie om in 2015 100% van het volume van alle producten en diensten waarvoor duurzaamheidcriteria zijn opgesteld, duurzaam in te kopen. In 2010 ligt het streven op 50 %. Via de klimaatakkoorden zijn alle gemeenten, provincies en waterschappen dus gebonden aan de afspraken rond duurzaam inkopen en aan het behalen van deze doelstelling wordt hard gewerkt.

Voor nagenoeg alle typen producten en diensten die de overheid inkoopt zijn inmiddels aandachtspunten en inkoopcriteria opgesteld voor het verduurzamen van de inkoop. Deze zijn te vinden op de website van het ministerie van VROM. De aandachtspunten hebben bijvoorbeeld betrekking op de behoeftestelling en het duurzaam gebruik van ingekochte goederen binnen de bedrijfsvoering van een organisatie. De inkoopcriteria betreffen enerzijds geschiktheidseisen en selectiecriteria ten aanzien van de leverancier en anderzijds minimumeisen en gunningscriteria ten aanzien van producten, diensten en werken.  Daarnaast worden er aandachtspunten gegeven voor contractsvoorwaarden.

Begin 2009 zijn alle conceptcriteria van de produktgroepen geëvalueerd en aangepast en het pakket is overzichtelijker en eenvoudiger gemaakt. Van de 80 groepen waren er in de zomer van 2009 nog 45 over. Op 2 juli 2009 zijn deze aangenomen door de Tweede Kamer (zie ook de voortgangsrapportage met bijlage van juni 2009). Zij zijn grofweg onderverdeeld in de categorieën:
A) Gebouwen
B) GWW
C) Beheer openbare ruimte
D) Vervoer
E) Apparatuur
F) Facilitaire zaken
G) Diversen
De uitgewerkte criteria betroffen vooralsnog alleen milieucriteria; sociale criteria volgden later. Aan producten uit de productgroepen worden minimum-eisen op milieugebeid gesteld waaraan de inkoop van producten en diensten van de overheid moet voldoen. Waar mogelijk wordt aangesloten bij beschikbare en gangbare keurmerken. Voorbeelden van duurzaam inkopen zijn: gebruik van elektriciteit die voor 100% bestaat uit groene stroom, het aanschaffen van energeizuinige kantoorapparatuur, graffitiverwijdering zonder milieuverontreiniging etc.

De Europese Commissie heeft in 2010 voor acht productgroepen niet-verplichte criteria opgesteld op het gebied van groen aanbesteden.
De Europese criteria zijn opgesteld door de Commissie na afloop van een brede consultatie die in augustus 2009 werd beëindigd. De criteria zijn niet bindend en slechts bedoeld als leidraad. De acht categorieën betreffen warmte-isolatie, harde vloerbedekking, mobiele telefoons, verkeersborden en het onderhoud aan wegen, straatverlichting en verkeerslichten, ramen, wandbeplating en gecombineerde warmte en energie. Aanvankelijk was het de bedoeling voor tien productgroepen duurzame criteria op te stellen. Echter, voor twee categorieën, te weten boilers/airconditioning en warmtepompen, is dit tot nader orde uitgesteld. De Commissie heeft laten weten voor deze productgroepen nadere voorschriften over ecodesign en aanvullende eisen op het gebied van energielabels af te wachten.

Op 9 oktober 2009 heeft de ministerraad ingestemd met internationale sociale criteria voor duurzaam inkopen. De sociale criteria zullen bestaan uit het topeassen van de mensenrechten en de vier fundamentele normen zoals bescherming tegen kinderarbeid en discriminatie. De normen zijn afkomstig van de internationale arbeidsorganisatie (ILO). Zie hier voor meer informatie.

Zie voor meer informatie de website van SenterNovem PIANOo en van het ministerie van VROM.
Zie voor meer informatie ook het dossier Milieu, Milieu en interne markt, groen aanbesteden, het factsheet sociale criteria van Europa decentraal en Info & service