Aan het verlenen van niet aangemelde of met de gemeenschappelijke markt onverenigbare steun kleven verschillende juridische en financiële risico´s voor decentrale overheden. De Europese Commissie moet in beginsel alle klachten onderzoeken die zij bijvoorbeeld van een concurrent van een steunontvangende onderneming of een raadslid van een oppositiepartij heeft gekregen. Als gevolg van een Commissieonderzoek kan de overheid genoodzaakt zijn de steun op te schorten. Elke ontvanger van onrechtmatig toegekende steun (zonder dat de Commissie heeft geoordeeld over de verenigbaarheid van de steun met het Verdrag) moet er rekening mee houden dat het bedrag wellicht terugbetaald moet worden. Als een decentrale overheid, en daarmee de lidstaat, de terugvordering niet naar behoren uitvoert, kan de Commissie rechtstreeks naar het Hof van Justitie stappen.
Ook kan een benadeelde concurrent zich tot de Nederlandse rechter wenden om stopzetting of terugvordering van niet gemelde staatssteun te eisen.
Artikel 108 lid 3 VWEU bevat een standstill-verplichting: de betrokken lidstaat kan de voorgenomen maatregelen niet ten uitvoer brengen voordat een procedure bij de Europese Commissie tot een eindbeslissing heeft geleid. Dit verdragsartikel heeft rechtstreekse werking en kan voor de nationale rechter worden ingeroepen.
Juridische risico's via de Nederlandse rechter
Enkele voorbeelden van Nederlandse zaken waar een concurrent van een begunstigde onderneming deze bepaling van artikel 108 lid 3 inroept, zijn Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) en de gemeente Groningen tegen Stichting Prins Bernardhoeve (een overheidssubsidie voor de verbouwing van het evenementencomplex Martinihal), kabelbedrijf Essent tegen gemeente Appingendam (aanleg gemeentelijk glasvezelnetwerk) en in 2006/2007 kabelbedrijf UPC tegen de gemeente Amsterdam (gemeentelijke betrokkenheid in Glasvezelnet Amsterdam (GNA)).
Ook in zaken die primair over de aanbestedingsplicht van gemeenten gaan, wordt beroep gedaan op staatssteun. Zo heeft de eiseres in het kort geding tegen gemeente Noordwijk inzake de herontwikkeling van de locatie Rederijkersplein gesteld dat zij de Europese Commissie laten onderzoeken of het samenwerkingsverband tussen de gemeente en de gekozen ontwikkelaar aan de Europese regels inzake staatssteun voldoet. Het vermoeden van staatssteun bestaat omdat de gemeente voor de verkoop van de grond geen onafhankelijke taxatie heeft laten uitvoeren en evenmin voor een onafhankelijke biedprocedure heeft gekozen. (Zaak nr.
LJN: BF4232, Rechtbank 's-Gravenhage , 315915 / KG ZA 08-947, 24 september 2008).
Zie ook tabblad
Toezicht en controle, Handhaving via de nationale rechter.
Financiële risico's
Financiële risico's voor de steunverlener zelf kunnen zich voordoen bij het verstrekken van leningen en garanties als de steunontvangende onderneming niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen en de overheid de kosten moet dragen. Verder kan het niet naleven van de Europese staatssteunregels problemen opleveren bij accountantscontrole. Niet-rechtmatig verstrekte subsidies of staatssteun kan bij overschrijding van de vastgelegde goedkeuringstoleranties leiden tot een niet-goedkeurende accountantsverklaring bij de jaarrekening van een gemeente of een provincie. Meer informatie over de naleving van staatssteunregels en de gevolgen voor de jaarrekening is te vinden op de website van
Platform Rechtmatigheid.
Kortom, niet aangemelde steun levert zowel juridische als financiële risico's op en kan tevens leiden tot een vertrouwensbreuk tussen de overheid en ondernemingen. Ter uitsluiting van elk risico is het voorleggen van een geplande steunmaatregel aan de Commissie de enige oplossing.
In dit dossier vindt u onder andere verschillende
publicaties zoals handreikingen en artikelen die u kunnen helpen om de vaak complexe staatssteunproblemen op te lossen. Hebt u vragen over staatssteun in uw gemeente, provincie of waterschap,
leg deze dan (gratis) voor aan Europa decentraal.