HomeDossiersVrij verkeerPersonenVrijheid van vestiging

Vrij verkeer

Voorpagina Personen Diensten Goederen Kapitaal Praktijk Info&Service
 

Vrijheid van vestiging

01-02-2010
Vrijheid van vestiging
Vrijheid van vestiging (artikel 43 EG, nu art. 49 VWEU)
Dit recht betreft het recht voor zelfstandige beroepsbeoefenaars (natuurlijke of rechtspersonen) om zich binnen het grondgebied van de Gemeenschap te verplaatsen en vervolgens te verblijven voor de uitoefening van hun beroep, en te verblijven na vervulling van de dienstbetrekking. Vennootschappen worden voor de toepassing van het recht van vestiging gelijkgesteld met de natuurlijke personen die onderdaan zijn van een lidstaat. Het recht op vrije vestiging is nauw verbonden met het recht op vrije verlening van diensten.
24-03-2007
Vrijheid van vestiging jurisprudentie
Jurisprudentie recht op vrije vestiging
Dit recht betreft het recht voor zelfstandige beroepsbeoefenaars (natuurlijke of rechtspersonen) om zich binnen het grondgebied van de Gemeenschap te verplaatsen en vervolgens te verblijven voor de uitoefening van hun beroep. Het Hof van Justitie verduidelijkt nader dat het (zelfstandige) werkzaamheden betreft die duurzaam worden uitgevoerd of waarvan het einde althans niet valt te voorzien (zaak C-55/94 Gebhard).

De maatregelen zonder onderscheid, die de vrijheid van vestiging belemmeren, kunnen in strijd zijn met artikel 43, dat de vrijheid van vestiging waarborgt (zaken 340/89 Vlassopoulou en C-55/94 Gebhard).

Een uitgebreid overzicht van jurisprudentie van het Hof is opgenomen in de publicatie van de Commissie uit 2001 'Guide to the Case Law of the European Court of Justice on Articles 43 et seq. EC Treaty. Freedom of Establishment'.

Hierop volgt een aantal contrete voorbeelden van maatregelen die vrijheid van vestiging kunnen belemmeren.

Verlening van vergunningen
De gemeenteraad van Manchester had geëist dat de aanvrager van een taxivergunning woonachtig is in de gemeente. Volgens de Commissie is een dergelijk woonplaatsvereiste in bepaalde gevallen discriminerend en in strijd met het Verdrag. Overigens doet de omstandigheid dat de eis ten aanzien van de woonplaats slechts zou slaan op een beperkt gedeelte van het grondgebied van de lidstaat, niets af aan het discriminerende karakter van deze eis aangezien hij uiteindelijk sommige nationale subjecten (natuurlijke of rechtspersonen) bevoordeelt ten koste van alle marktdeelnemers uit andere lidstaten (Antwoord Commissie op schriftelijke vraag nr. P-2981/95 van G.Titley, PbEG 1996, C 48/22).

Vakbekwaamheidseisen
Als een Nederlandse onderdaan besluit terug te keren naar Nederland, na zich in een andere lidstaat als zelfstandige ondernemer te hebben gevestigd, mogen Nederlandse (strengere) vakbekwaamheidseisen zijn terugkeer en uitoefening van werkzaamheden niet belemmeren. Een daadwerkelijke uitoefening van deze werkzaamheden in de andere lidstaat geldt dan als voldoende bewijs voor vakbekwaamheid (zaak 115/78 Knoors).

Verhuur van bedrijfsruimte
Het begrip vestiging heeft tevens betrekking op de uitoefening van het beroep en de daarvoor noodzakelijke aspecten, zoals de huur van een bedrijfsruimte. In de zaak 197/84 Steinhauser ging het om een Duitse kunstenaar die woonachtig was in de Franse stad Biariz. De kunstenaar wenste mee te doen aan een openbare inschrijving voor de huur van gemeenschappelijke ruimtes van de gemeente die gebruikt konden worden voor tentoonstellingen. Het gemeentebestuur had Steinhauser echter verboden om aan de openbare inschrijving deel te nemen omdat hij geen Franse nationaliteit bezat. Een dergelijke nationaliteitseis is volgens het Hof direct discriminerend.

Woonruimte en vestiging
Voor decentrale overheden van belang zijn de zaken over vestiging en woonruimte en de beperkingen van vrij verkeer, die wel kunnen worden gerechtvaardigd. De uitspraak van het Hof in de zaak 36/75 Rutili gaat over spreidingsbeleid. Hieruit kan worden afgeleid dat lidstaten om redenen van algemeen belang spreidingscriteria kunnen hanteren in hun vestigingsbeleid, mits zij het discriminatieverbod naar nationaliteit respecteren. Maatregelen zonder onderscheid (tussen onderdanen van andere lidstaten en die van het land van vestiging) tot beperking van het recht op verblijf tot bepaalde gedeelten van het nationaal grondgebied zijn toegestaan. Rutili vindt vervolg in de zaak C-100/01 Oteiza Olazabal (beperking vrijheid van vestiging op grond van openbare orde).
Ook omgekeerde discriminatie (maatregelen die alleen gelden voor de onderdanen van het land van vestiging) is mogelijk (zaak 20/87 Gauchard, vergunning voor het exploiteren van een verkoopruimte).

Erkenning van rijbewijzen tussen de lidstaten
Volgens de uitspraak in zaak 16/78 Choquet is er geen noodzaak om opnieuw een rijbewijs in een ander lidstaat te halen, als het rijexamen praktisch overeenkomt met dat in het thuisland.