Wanneer zijn de artikelen 56 t/m 62 VWEU (voormalig art. 49 t/m 55 EG) van toepassing?
De artikelen 56 e.v. zijn steeds van toepassing, zodra er sprake is van een grensoverschrijdend element. Uit de omschrijving van het begrip dienst blijkt dat zich vier gevallen van grensoverschrijdend dienstenverkeer kunnen voordoen:
1) de dienstverlener verplaatst zich naar een andere lidstaat;
2) de dienstontvanger verplaatst zich naar een andere lidstaat;
3) de dienstverlener en de dienstontvanger verplaatsen zich beide naar een andere lidstaat of
4) alleen de dienst zelf overschrijdt de grens (bijvoorbeeld in het geval van televisie of communicatie).
Voor wie geldt het vrij verkeer van diensten?
De vrijheid om diensten te verrichten, geldt ingevolge artikel 56 EU-Werkingsverdrag (voormalig art. 49 EG-Verdrag) voor alle onderdanen van de EU, op voorwaarde dat zij in een lidstaat gevestigd zijn. Onderdanen van derde landen die in de EU gevestigd zijn kunnen derhalve geen beroep doen op het recht op vrije dienstverlening. Dit vestigings- en nationaliteitsvereiste geldt niet voor de dienstontvanger.