Werkprogramma's Europese Commissie
Werkprogramma 2012
Het werkprogramma van de Europese Commissie voor 2012 en bijlagen (alleen nog in Engelse versie beschikbaar)
Werkprogramma 2011
- Werkprogramma 2011 (Engels) >>>
- Bijlagen bij werkprogramma 2011 (Engels) >>>
- Nederlandse versie werkprogramma 2011 >>>
- Bijlagen bij werkprogramma 2011 (NL) >>>
Toelichting op werkprogramma 2011
Op 27 oktober 2010 publiceerde de Europese Commissie haar werkprogramma voor 2011. In de periode volgend op de economische crisis is het zaak het herstel te versnellen. Duurzaam economisch herstel is dan ook de voornaamste strategische prioriteit voor het komende jaar. In het werkprogramma wordt deze algemene doelstelling vertaald naar 40 concrete acties voor 2011, evenals een reeks geplande en mogelijke acties tot en met het einde van het lopende mandaat. Mede aan de hand van het werkprogramma van de Commissie bepalen de decentrale koepelorganisaties en decentrale overheden hun jaarlijkse Europese werkprogramma's.
Het werkprogramma is gebaseerd op vijf thema's: Europa’s sociale markteconomie uit de crisis leiden en duurzaam maken, groei herstellen om banen te creëren, modernisering van de EU-begroting, versterking van de positie op het wereldtoneel en een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid. Begin september schetste de voorzitter van de Europese Commissie, José Manuel Barroso, de hoofdprioriteiten voor de komende periode al in een toespraak in het Europees Parlement. Deze zogenoemde State of the Union heeft een discussie op gang gebracht onder de Europese instellingen over de prioriteiten voor 2011. In haar werkprogramma heeft de Commissie rekening gehouden met de uitkomsten van deze besprekingen.
Naast 40 strategische initiatieven, aan te nemen voor het einde van 2011 (bijlage I) wordt ook een overzicht gegeven van initiatieven die worden overwogen, voor zowel 2011 als voor de periode 2012-2014 (bijlage II). Deze indicatieve lijst, die betrekking heeft op het volledige mandaat en in totaal 151 voorstellen betreft, moet bijdragen aan de ontwikkeling van langetermijnstrategieën en moet de samenwerking tussen de instellingen bevorderen. De Commissie somt in Bijlage III de 48 voorstellen voor simplificatie en administratieverlichting op die zij van plan is te doen. In de laatste bijlage geeft de Commissie ten slotte aan welke 23 wetgevingsvoorstellen worden teruggetrokken.
Groei herstellen om banen te creëren
De rode draad is het versnellen van herstel in de Unie. Hieronder valt de hervorming van de financiële sector. De Europa2020-strategie moet het kader worden voor de inspanningen op Europees en nationaal niveau om intelligente, duurzame en inclusieve groei te bewerkstelligen. Onder dit thema is de Commissie voornemens om voorstellen te doen om het concurrentievermogen van Europese bedrijven, met name MKB, te versterken. Het initiatief ‘Social Business’ moet leiden tot duurzaam zaken doen. Voor het vierde kwartaal van 2011 staat een herziening gepland van de staatststeunregels die betrekking hebben op de Diensten van Algemeen Economisch Belang (DAEB).
Duurzaamheid
Om duurzame groei te realiseren wordt een aantal actieplannen (niet-wetgevend) aangekondigd op het gebied van energie: een Europees Energie-efficiëntie Plan voor 2020, een roadmap 'Low-carbon economy 2050' en 'Resource Efficient Europe'. In navolging op het Energie-efficiëntie plan volgt in het derde kwartaal van 2011 een voorstel voor een Richtlijn betreffende energie-efficiëntie. Deze richtlijn moet het kader vormen voor het energiebesparing- en het energie-efficiëntiebeleid van de lidstaten. Begin 2011 wordt het Witboek over de toekomst van transport verwacht, een voorstel dat reeds in het werkprogramma 2010 aangekondigd werd.
Modernisering van de EU-begroting
Onder het motto 'maximale impact halen uit EU-beleid' kondigt de Commissie voorstellen aan om het meerjarig financieel kader te hervormen. De Commissie wil ook meer aandacht voor 'smart regulation' en wil de termijn voor raadplegingen verlengen tot 12 weken.
Op 19 oktober 2010 publiceerde de Commissie de langverwachte Mededeling over de herziening van de EU-begroting. Hierin pleit de Commissie voor meer flexibiliteit in de begroting en een focus op een beperkt aantal thema’s. In het tweede kwartaal van 2011 worden de voorstellen voor de 'modernisering' van de meerjarenbegroting verwacht. Naast een voorstel voor een verordening van de Raad over het nieuwe meerjarig financieel kader (2014-2020), zal de Commissie ook met een voorstel komen ten aanzien van de eigen middelen van de EU.
Burgerschapsagenda: rechten, vrijheid en justitie
De Commissie constateert dat er nog steeds een gat zit tussen de verdragsregels en de realiteit zoals de burgers die in hun dagelijks leven ervaren. Decentrale overheden zijn van groot belang bij de realisatie van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid voor de burger, in het bijzonder wat betreft de praktische uitvoering ervan. De maatregelen die de Commissie voorstelt in het werkprogramma sluiten aan bij het 'Actieplan 2010-2014' met initiatieven die moeten zorgen voor meer veiligheid voor de burger en een antwoord op het Europese migratievraagstuk. Ook sluit het werkprogramma aan bij het recent verschenen 'Citizenship Report' waarin maatregelen worden voorgesteld die het waarborgen van individuele rechten een meer praktische betekenis moeten geven. De rechten van de EU-burger staan dus hoog op de agenda.
Om de rechten van de EU-burgers daadwerkelijk te versterken komt de Commissie in 2011 met de volgende maatregelen: een gemeenschappelijk referentiekader voor verbintenissenrecht, nieuwe wetgeving op het gebied van burgerbescherming, een programma voor geregistreerde reizigers en een nieuwe governancestructuur voor OLAF, het bureau voor fraudebestrijding van de EU. Alle maatregelen staan gepland voor het tweede en vierde kwartaal van 2011.
Van de uitvoering van het werkprogramma 2011 door de Commissie en van de geplande initiatieven tot het einde van 2011 brengt de Commissie maandelijkse overzichten uit. Deze brengen decentrale overheden ook inzicht in de voortgang of ontwikkeling van voorstellen.Hier ziet u de maandelijkse rapportageformulieren over aangenomen en geplande initiatieven uitvoering van het werkprogramma (alleen in het Engels beschikbaar).
Eerdere werkprogramma's (vanaf 2005) >>>
Werkprogramma 2005 >>>
Werkprogramma 2006 >>>
Werkprogramma 2007 >>>
Werkprogramma 2008 >>>
Werkprogramma 2009 >>>
Werkprogramma 2010 >>>
Het Monti-rapport: een nieuwe strategie voor de Europese interne markt
In mei 2010 beveelt oud-Eurocommissaris en professor Mario Monti aan dat een nieuwe balans moet worden gevonden tussen economische factoren en de rechten van consumenten en werknemers.‘A new strategy for the single market; at the service of Europe’s economy and society’, report to the president of the European Commission Jose Manuel Barroso by Mario Monti.
In 1985 werden door de toenmalige voorzitter van de Europese Commissie (Jacques Delors) de plannen gepresenteerd waarmee in 1992 de interne markt zo goed als voltooid moest zijn. Dat jaar was uiteindelijk het grootste deel van wat gepland was ook daadwerkelijk gerealiseerd. Echter, daarmee was de interne markt niet af. Met name op het terrein van de vrije markt voor diensten was nog weinig vooruitgang geboekt. Hoewel er ook in de jaren na 1992 nog veel aandacht voor de interne markt bestond, werd dit geleidelijk aan minder. Het gevoel ontstond dat de interne markt voltooid was en aandacht verschoof naar de uitbreiding van de EU, institutionele hervormingen en het oprichten van een monetaire unie.
Consultaties wijzen uit dat de interne markt op dit moment minder populair is dan ooit. De politieke en maatschappelijke steun voor marktintegratie in Europa is afgenomen. Er is te weinig aandacht voor burgers, consumenten en kleine ondernemingen binnen de interne markt en deze heeft geen politieke prioriteit meer. In het werkprogramma van de Europese Commissie identificeerde voorzitter Barroso echter de interne markt als een belangrijk strategisch doel van de EU dat met hernieuwde politieke aandacht benaderd moet worden. Daarom heeft Barroso opdracht gegeven de uitdagingen in kaart te brengen die het hoofd geboden moeten worden bij een doorstart van de interne markt en een samenhangende strategie te schetsen om deze politiek succesvol en economisch en maatschappelijk haalbaar te maken.
Het rapport Monti stelt een nieuwe strategie voor om de interne markt te behoeden voor de risico’s van economisch nationalisme, om hem uit te breiden naar nieuwe gebieden die belangrijk zijn voor de groei van Europa en om een belangrijke mate van consensus daaromheen te bouwen.
De aanbevelingen uit het rapport zijn zeer divers en richten zich op allerlei verschillende terreinen. Een aantal aanbevelingen kunnen in het bijzonder voor decentrale overheden van belang worden. Zo stelt Monti voor om regelgeving op te stellen voor diensten die nu zijn uitgesloten van de Dienstenrichtlijn. Een ander voorstel richt zich op flexibilisering van de staatssteunregels door bijvoorbeeld het verhogen van de drempelbedragen en het uitbreiden van de lijst met uitzonderingen. De aanbestedingsregels moeten, aldus Monti, simpeler, effectiever en minder bezwaarlijk worden voor zowel nationale als decentrale overheden. Ook moet er bij aanbesteden meer ruimte komen voor innovatie, groene groei en sociale criteria. Daarnaast besteedt Monti aandacht aan regionaal beleid en structuurfondsen. Eén idee van hem is om een gedeelte van het geld dat beschikbaar is voor structuurfondsen afhankelijk te maken van de mate waarin lidstaten tijdig en correct interne markt richtlijnen implementeren.
Het is nu aan de nieuwe Commissie om met de vele aanbevelingen uit het rapport aan de slag te gaan en op basis daarvan mogelijk nieuwe wetgevingsvoorstellen te lanceren. Monti ziet de door hem gepresenteerde strategie als een ‘package deal’ waarin lidstaten met verschillende culturele tradities, problemen en politieke voorkeuren elk elementen kunnen vinden die zij belangrijk genoeg vinden om te steunen om vervolgens op andere terreinen concessies te doen. Zie voor meer informatie ook de dossiers mededinging, interne markt en vrij verkeer
Europees economisch herstelplan
In mei 2009 keurde het Europees Parlement het met de Raad bereikte compromis goed over het Europees economisch herstelplan (COM 2008 (800) def, mededeling van de Commissie aan de Raad: Een Europees economisch herstelplan). Zie hier het persbericht en aangenomen tekst van het Europees Parlement over het Economisch Herstelplan. Daarmee is de weg vrij om in 2009 en 2010 de vijf miljard euro, aangewezen om de economie te stimuleren, ook daadwerkelijk te investeren. Gedurende deze periode wordt 3,98 miljard euro geïnvesteerd in gas- en elektriciteitsnetwerken, offshore windenergieprojecten en projecten voor de afvang en ondergrondse opslag van kooldioxide (CCS). Daarnaast wordt 1,02 miljard euro geïnvesteerd in de ontwikkeling van plattelandsgebieden, onder andere door de verbetering van breedbandvoorzieningen. Het Europees Parlement heeft weten te bewerkstelligen dat ook projecten voor andere hernieuwbare energiebronnen dan windenergie en energie-efficiency projecten voor investeringen in aanmerking komen.
Op 28 januari 2009 kondigde de Europese Commissie een pakket van voorstellen aan om in 2009 en 2010 vijf miljard euro te investeren in energie en internetinfrastructuurprojecten. In maart bereikten de lidstaten tijdens de Voorjaarsraad overeenstemming over het plan. Dit bedrag is een aanvulling op de ongeveer 200 miljard euro die de lidstaten besteden aan nationale maatregelen om de economie te stimuleren. Voorwaarde is dat het geld in 2009 en 2010 wordt uitgegeven, omdat de economie nu stimulering behoeft. De lijst met 'subsidiabele projecten' bevat onder meer offshore-windenergieparken in de Noordzee en projecten voor de integratie van toekomstige offshore-windenergie installaties in de Noordzee en de Baltische Zee in het bestaande netwerk aan land. Bovendien noemt de aangenomen tekst dertien CCS-projecten in zeven lidstaten - waaronder Nederland -, die een aanvraag kunnen indienen voor de financiering van installaties om CO2 permanent en veilig ondergronds op te slaan. De Europese Commissie zal de tenuitvoerlegging van de energieprojecten jaarlijks controleren en rapporteren over de voortgang. Wanneer er serieuze risico’s worden geconstateerd met betrekking tot de uitvoering van prioritaire energieprojecten, moet de Commissie maatregelen aanbevelen om de risico’s weg te nemen of aanvullende voorstellen indienen voor projecten die stroken met het Herstelplan.
Staat van de Europese Unie
Bij de Miljoenennota verschijnt tevens ieder jaar de 'Staat van de Europese Unie'. Dit is de Europese agenda beschreven vanuit Nederlands perspectief.
Het kabinet legt dit jaar de nadruk op milieu en economie. Het concludeert dat de financiële crisis in heel Europa zwaar heeft toegeslagen maar dat de Europese Unie de lidstaten een kader biedt om samen te werken en dat dankzij de euro ergere situaties zijn voorkomen. Om de crisis de komende jaren te lijf te gaan benadrukt het kabinet het belang van vooruitgang op het toezicht van financiële markten, coördinatie van Europese stimuleringsmaatregelen en de vernieuwde Lissabonstrategie.
Als onderdeel van het Europees economisch herstelplan verstrekt de Europese Investeringsbank vijftien miljard euro per jaar aan extra leningen voor onder andere achtergestelde regio’s. Deze leningen zijn ook bedoeld voor schonere auto’s. Ter bevordering van schone en energiezuinige wegvoertuigen stelt de Europese Commissie ook voor milieuaspecten zwaar te laten meewegen bij de aanbesteding van nieuwe voertuigen door en in opdracht van centrale en decentrale overheden.
Nederland zal dit jaar voor het eerst profiteren van de in 2005 door toenmalig minister van Financiën Zalm bedongen korting om structureel een miljard euro per jaar minder af te dragen aan de begroting van de Europese Unie. Door verrekende kortingen van eerdere jaren betaalt Nederland in 2009 3,6 miljard euro aan de Europese Unie, bijna de helft minder dan een jaar eerder.
'Staat van de Europese Unie 2010-2011' >>> met bijlage >>>
'Staat van de Europese Unie 2009-2010' >>> met bijlage >>>
'Staat van de Europese Unie 2007-2008' >>>
VNG, IPO en UvW
De VNG en IPO Prioritaire Europese dossiers 2011 zijn onder meer:
- De Europa 2020-strategie
- Gemeenschappelijk landbouwbeleid
- Milieu
- Aanbesteden
- Diensten van algemeen belang
De prioritaire dossiers voor de Unie van Waterschappen en Vewin worden vastgesteld in het gezamenlijke werkplan Bureau Brussel 2011 en betreffen onder meer: Bodem, Innovatie, Herziening Europese Subsidieprogramma's, MDG contracten, PPS, humane vangstmethoden, Kaderrichtlijn Water, Verordening Biociden, Drinkwaterrichtlijn (herziening), Klimaatverandering - adaptatie, PPS, Innovatie en DAB.
Eerdere werkprogramma's koepels:
VNG-IPO prioritaire dossiers 2010
VNG-IPO prioritaire dossiers 2009
UvW/Vewin/ werkplan Bureau Brussel 2010
Tweede Kamer
Ook de Tweede Kamer behandelt het werkprogramma 2011 van de Europese Commissie en haar eigen inzet hierop. >>>
Comité van de Regio's
De drie beleidsprioriteiten voor het Comité van de Regio's (CvdR) in de periode 2006-2008 vallen binnen de gebieden: versterken van het Europa van burgers, versterken van territoriale solidariteit en de institutionele rol van het CvdR. >>>