Europees klimaat- en energiebeleid
Het Europese beleid richt zich in eerste instantie op het beperken van klimaatverandering door de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Dit heet mitigatie en is voornamelijk gericht op het terugdringen van het gebruik van fossiele energie (bv. olie) en het stimuleren van duurzaam energiegebruik (bv. wind- en zonne-energie). In de hele EU moet er in 2020 20 % minder CO2 worden uitgestoten en 20 % meer gebruik worden gemaakt van hernieuwbare energiebronnen. De Europese maatregelen die ertoe moeten leiden dat deze doelstellingen worden gehaald maken onderdeel uit van het Klimaat- en Energiepakket dat op 23 januari 2007 is voorgesteld. Het Europese wetgevingsproces rond deze voorstellen is tijdens de Europese Raad van december 2008 afgerond. Momenteel worden de richtlijnen omgezet in Nederlandse wetgeving. De inspanning van lokale en regionale overheden is onmisbaar bij het behalen van deze Europese doelstellingen in Nederland.
Aan de andere kant richt het beleid zich op het aanpassen aan klimaatverandering, ook wel adaptatie (aanpassing aan klimaatverandering) genoemd. Hierbij wordt in Nederland vaak meteen aan wateroverlast gedacht, maar ook een potentiële verhoogde kans op epidemieën en dergelijk worden in het Europese beleid meegenomen. De Commissie heeft begin 2009 een witboek over klimaatadaptatie gepubliceerd. Hierin zijn geen wetgevende maatregelen aangekondigd en de Europese uitgangspunten sluiten aan bij de Nederlandse belangen.