Dienstenrichtlijn

Dienstenrichtlijn

Dit dossier gaat in op de Europese Dienstenrichtlijn. De kerngedachte van deze richtlijn is dat dienstverleners in heel Europa zich onbelemmerd in een andere lidstaat kunnen vestigen of tijdelijk diensten kunnen verrichten. De Europese Dienstenrichtlijn is in Nederland omgezet in de Dienstenwet. Op deze en onderliggende pagina’s wordt ingegaan op de rol van decentrale overheden omtrent de vestiging van dienstverleners in Nederland.

Onder de rechterkantpagina’s vindt u meer relevant nieuws, praktijkvragen, praktijkvoorbeelden van de toepassing van de Dienstenrichtlijn en uitgebreidere wet- en regelgeving en beleid.

Welke decentrale verplichtingen zijn er?

In 2010 is de Dienstenrichtlijn in Nederland ingevoerd. Uit de richtlijn vloeien verschillende verplichtingen voort waaraan decentrale overheden moeten voldoen:
· Nieuwe of gewijzigde regelgeving vallend onder de reikwijdte van de richtlijn, moet in bepaalde gevallen worden genotificeerd;
· Vergunningsstelsels en eisen die onder de reikwijdte van de richtlijn vallen, moeten aan de voorwaarden van de Dienstenrichtlijn voldoen;
· Dienstverleners moeten via het Dienstenloket elektronisch procedures kunnen afhandelen;
· Instanties uit andere lidstaten moeten de decentrale overheid via het zogenoemde IMI-systeem om gegevens kunnen vragen en andersom.

Waarom een Dienstenrichtlijn?

De Europese Commissie concludeerde in 2002 dat er nog steeds veel belemmeringen bestonden voor het grensoverschrijdende dienstenverkeer. Dit was tien jaar nadat de interne markt voltooid had moeten zijn. Daarom is eind 2006 de Europese Dienstenrichtlijn in werking getreden. Vóór 2010, het jaar van de implementatie van de Dienstenrichtlijn, moest zo een echte interne markt voor diensten ontstaan.

Doel

Het doel hiervan is dat dienstverleners, bijvoorbeeld bouwondernemingen, organisatoren van evenementen, horeca-exploitanten, kappers en zelfs iemand die een snuffelmarkt wil organiseren, overal in de EU gemakkelijk aan de slag kan.

Praktijk

Decentrale overheden krijgen in de praktijk met de Dienstenrichtlijn te maken als een dienstverlener uit een andere lidstaat zich in de gemeente of provincie wil vestigen of tijdelijk een dienst wil verlenen. Om ervoor te zorgen dat dienstverleners zich makkelijker kunnen verplaatsen binnen de Europese Unie moeten er zo min mogelijk administratieve lasten en hoge kosten worden opgeworpen bij het verlenen van een dienst.  Decentrale overheden moeten hier onder andere rekening mee houden indien zij vergunningstelsels hanteren.

Beleid

Diensten

Beleidsmatige ontwikkeling op het terrein van de Dienstenrichtlijn en de dienstenmarkt leiden vaak niet tot rechtstreekse verplichtingen voor decentrale overheden. Ze laten wel zien welke kant Brussel op wil met de Dienstenrichtlijn. Het is voor decentrale overheden interessant deze ontwikkelingen te volgen, omdat er later mogelijk verplichtingen uit voort kunnen komen.

Onderwerpen

Aan de orde komen:

1. Het wederzijdse beoordelingsproces;
2. Presentatie van het dienstenpakket:
– Mededeling betere governance van de interne markt;
– Mededeling implementatie Dienstenrichtlijn: Een partnerschap voor nieuwe groei in diensten 2012-2015.

1. Wederzijdse beoordeling

Tijdens de drie jaar durende implementatieperiode hebben alle lidstaten en decentrale overheden hun wetgeving doorgelicht op bepalingen die mogelijk in strijd met de Dienstenrichtlijn zijn. De resultaten van deze screening zijn eind 2009 naar de Europese Commissie gestuurd. Naar aanleiding van de screeningsresultaten hebben de lidstaten in zes clusters van vijf landen discussies gevoerd. De bijeenkomsten gaven de lidstaten de mogelijkheid om informatie uit te wisselen over belemmeringen en maatregelen die nodig zijn om een interne markt voor diensten tot stand te brengen.

Proces van wederzijdse beoordeling

Art. 39 Dienstenrichtlijn voorziet in een proces van wederzijdse beoordeling. Vanaf januari 2010 hebben de lidstaten in zes clusters van vijf landen discussies gevoerd naar aanleiding van de screeningsresultaten. Vanaf maart 2010 vonden bijeenkomsten van expertgroepen plaats. Hier bespraken de lidstaten, onder leiding van de Commissie, per sector de screeningsresultaten.

Uitwisseling informatie

Deze bijeenkomsten gaven de lidstaten de mogelijkheid informatie uit te wisselen over bijvoorbeeld bestaande vergunningstelsels en andere eisen die worden gesteld aan dienstverleners. Dit was van belang om te kunnen vaststellen welke belemmeringen al zijn opgeruimd en waar eventuele maatregelen nodig zijn om een interne markt voor diensten tot stand te brengen. De wederzijdse beoordeling is van belang om tot een eenduidige implementatie van de Dienstenrichtlijn in alle lidstaten te komen en daarmee een gelijk speelveld voor dienstverleners te creëren.

Resultaten

In januari 2011 heeft de Commissie de resultaten van de wederzijdse beoordeling gepresenteerd. De uitkomsten van het wederzijdse beoordelingsproces zijn te vinden op de website van de Commissie.

2. Het dienstenpakket

De Commissie beschouwt de interne markt als een belangrijke drijvende kracht achter de economische groei. Om groei en banen te kunnen opleveren, moeten daarom volgens de Commissie de bestaande regels beter uitgevoerd worden. Om die reden heeft de Commissie in juni 2012 een werkwijze vastgesteld die ervoor moet zorgen dat de regels van de interne markt in de praktijk beter werken. Het betreft twee mededelingen en verschillende werkdocumenten, die samen het Dienstenpakket vormen.

Mededeling betere governance interne markt

De Commissie benadrukt in de Mededeling betere governance interne markt met name het belang van tijdige en juiste implementatie van richtlijnen. De Commissie legt de focus op vier sectoren die van cruciaal belang zijn voor de interne markt:

– De dienstensector, inclusief de financiële dienstverlening;
– De digitale interne markt;
– Energie;
– Transport.

In totaal gaat het om 41 richtlijnen. De Commissie zal bij de implementatie van deze richtlijnen geen enkele vertraging tolereren.

Mededeling implementatie van de Dienstenrichtlijn

In de Mededeling implementatie Dienstenrichtlijn: Een partnerschap voor groei in diensten 2012-1015 presenteert de Commissie acties om de interne markt voor diensten beter te laten functioneren. De Commissie stelt geen aanpassing of uitbreiding van de huidige Dienstenrichtlijn voor, maar streeft ernaar de werking van de huidige richtlijn in de praktijk te optimaliseren.

Onderzoek naar belemmeringen

Dit probeert zij te bereiken door krachtig toezicht en door lidstaten in clusters te laten onderzoeken op welke terreinen nog belemmeringen bestaan die kunnen worden verminderd. Ook wil de Commissie het functioneren van het Dienstenloket verbeteren, zet zij in op intensiever gebruik van de mogelijkheden van de Lex Silencio Positivo en roept zij lidstaten en decentrale overheden op om nog meer eisen voor dienstverleners af te schaffen.

Werkdocumenten

Naast deze mededeling verschijnen drie werkdocumenten van de diensten van de Commissie:

Werkdocument 1

Het verslag over de tenuitvoerlegging van de Dienstenrichtlijn geeft een stand van zaken over de tenuitvoerlegging van de richtlijn. Het behandelt de overblijvende problemen alsmede de dienstenloketten, samen met een onderdeel waarin de individuele lidstaten worden geëvalueerd. Dit verslag wordt aangevuld met een economische evaluatie waarin de effecten en het groeipotentieel van de dienstenrichtlijn op EU-niveau worden aangetoond met gegevens voor elke lidstaat.

Screening Nederland
De Commissie is vol lof over Nederland, vanwege de grondige screening van alle wetgeving voorafgaand aan het in werking treden van de Dienstenrichtlijn eind 2009 en de wijze waarop decentrale overheden hierbij zijn betrokken. De Commissie geeft aan dat zij geen verboden bepalingen in de Nederlandse wetgeving is tegengekomen.

Risico
De Commissie wijst op het risico dat, hoewel het Besluit ruimtelijke ordening dit expliciet verbiedt, er mogelijk in sommige gevallen in gemeentelijke bestemmingsplannen toch economische motieven meespelen bij branchering (het toewijzen van een bepaald gebied aan een bepaalde onderneming).

Werkdocument 2

De resultaten van de prestatiecontroles tonen aan hoe goed de verschillende EU-regels werken voor de ondernemingen in hun dagelijkse praktijk. Tegelijk met het bekendmaken van de resultaten van de wederzijdse beoordeling, presenteerde de Commissie maatregelen om de interne markt voor diensten verder te versterken. Een van die maatregelen is een prestatiecontrole om te beoordelen hoe de Dienstenrichtlijn en andere instrumenten in de praktijk werken.

Deze test was bedoeld om te bepalen hoe goed de verschillende EU-regels werken voor de ondernemingen in hun dagelijkse praktijk, om vervolgens te kunnen bepalen of meer duidelijkheid geboden zou moeten worden of nieuwe maatregelen nodig zijn om de dienstenmarkt beter te laten werken. De controle is uitgevoerd in drie sectoren: de bouwsector, de toerismesector en de bedrijfsdienstensector.

Belemmeringen
Er is een aantal belemmeringen aan het licht gekomen voor ondernemingen die hun activiteiten naar andere EU-landen willen uitbreiden, zoals:

– Grote verschillen in de reglementering van beroepskwalificaties en moeilijkheden met de erkenning van diploma’s uit andere lidstaten;
– Beperkingen in de keuze van de ondernemingsstructuren voor bepaalde beroepsactiviteiten;
– Moeilijkheden voor grensoverschrijdende dienstverrichters om een verzekering te krijgen;
– Ernstige vragen bij het uiteenlopende niveau van consumentenbescherming in Europa.

Deze obstakels zal de Commissie aanpakken.

Werkdocument 3

Het werkdocument van de diensten van de Commissie, om richtsnoeren te verstrekken over de toepassing van art. 20 lid 2, betreffende het discriminatieverbod ten aanzien van dienstenafnemers op grond van nationaliteit of woonplaats. In het document wordt onderzocht welke motieven schuilgaan achter deze ondernemingspraktijken en wordt opgeroepen een einde te maken aan discriminatie wanneer daar geen rechtvaardiging voor bestaat.

Nieuws

ED Dienstenrichtlijn
Ontwikkelingen dienstenrichtlijn: Raad van State spreekt zich uit

Herinnert u zich de uitspraak van het Hof van Justitie over taaleisen en raamprostitutie nog? Of over exploitatievergunningen voor rondvaartboten? Is bijvoorbeeld het stellen van een taaleis in strijd met de dienstenrichtlijn? Na de beantwoording van het Hof oordeelde de Raad van State over deze twee zaken. Ook heeft het Hof van Justitie zich weer uitgesproken over een zaak met betrekking tot de dienstenrichtlijn: de richtlijn is van toepassing op het beroep dat een schoorsteenveger uitoefent.
Lees het volledige bericht

Dienstenrichtlijn
Raad van State wil uitleg over Dienstenrichtlijn

De Raad van State heeft het Europees Hof van Justitie gevraagd om verduidelijking van de Europese Dienstenrichtlijn. In een zaak van de gemeente Appingedam tegen een vastgoedbedrijf vraagt de Hoge Raad zich namelijk af of de Dienstenrichtlijn in deze zaak van toepassing is, en indien dit het geval is, hoe de Dienstenrichtlijn moet worden uitgelegd. 
Lees het volledige bericht

Europese Commissie schetst de kaders voor een beter functionerende interne markt

Op 6 oktober 2015 debatteerde de Europese Commissie over de toekomstige ontwikkeling van de interne markt. Speciale aandacht ging hierbij uit naar de interne marktstrategie en het Arbeidsmobiliteitspakket die onder het werkprogramma 2015 van de Europese Commissie vallen. Hieruit kwam naar voren dat het van belang is om de interne markt voor goederen en diensten beter te laten functioneren. Zoals de Dienstenrichtlijn bijvoorbeeld aantoont, hebben ook decentrale overheden op verschillende wijze te maken met regelgeving omtrent de interne markt.
Lees het volledige bericht

Uitspraak Hof van Justitie over prejudiciële vragen dienstenrichtlijn

Amsterdam mag taaleisen stellen aan raamprostitutiebedrijven en hoeft geen exploitatievergunningen voor onbepaalde tijd te geven aan rondvaartrederijen. Dit heeft het Europees Hof van Justitie op 1 oktober besloten. Vorig jaar heeft de Raad van State aan het Europees Hof van Justitie gevraagd om verduidelijking van de Europese Dienstenrichtlijn.
Lees het volledige bericht

AG concludeert dat Dienstenrichtlijn ook van toepassing is op zuiver interne situaties

In juli 2014 heeft de Raad van State het Hof van Justitie om verduidelijking gevraagd over de Europese Dienstenrichtlijn naar aanleiding van twee zaken in de gemeente Amsterdam. Op 16 juli jl. heeft de Advocaat-Generaal (AG) Szpunar, vooruitlopend op een uitspraak van het Hof, een conclusie geschreven. Het is nu afwachten wanneer het Hof uitspraak doet en of zij tot een zelfde conclusie komt. De uiteindelijke uitspraak van het Hof is relevant voor decentrale overheden wanneer zij met de Europese dienstenrichtlijn te maken hebben, zoals bij het opstellen van verordeningen of het afgeven van vergunningen.
Lees het volledige bericht

Commissie: gebruiksvriendelijkheid dienstenloket moet omhoog

De gebruiksvriendelijkheid van het Nederlandse Point of Single Contact (PSC) moet omhoog, zo liet de Europese Commissie afgelopen maand op een conferentie weten. Ook komt Brussel in mei met een voorstel voor minder vrijblijvende regelgeving voor dit dienstenloket van decentrale overheden. ‘Een persoonlijke aanpak bij de verbetering helpt’ stelt Paul Hogenhuis, adviseur Berichtenbox voor Bedrijven van de provincie Noord-Brabant.
Lees het volledige bericht

Noord-Brabant verbreedt toepassing Berichtenbox opnieuw

De provincie Noord-Brabant gaat de Berichtenbox voor bedrijven vanaf nu ook gebruiken voor interbestuurlijke procedures die buiten de Dienstenwet vallen. ‘Dit gaat de provincie ontzettend veel papier, administratie en gedoe schelen’, aldus Paul Hogenhuis, Juridisch adviseur Berichtenbox voor bedrijven bij de provincie. De Berichtenbox was oorspronkelijk bedoeld om digitaal officiële documenten uit te wisselen en procedures af te handelen tussen ondernemers en overheden. Dit komt voort uit de Dienstenwet waarin de Europese Dienstenrichtlijn is vastgelegd.
Lees het volledige bericht

Melding- en Notificatiesysteem Dienstenwet maakt melden en notificeren eenvoudiger

Maakt u als decentrale overheden nieuwe regels voor het leveren van diensten of wijzigt u bestaande regelgeving? Dan dient u sinds enkele jaren te toetsen of deze regels in strijd zijn met de Dienstenwet. Voor het zogenoemde notificeren en melden van eisen aan dienstverleners is een elektronische applicatie in het leven geroepen, genaamd Melding- en Notificatiesysteem Dienstenwet (MND). Er verandert niets aan de plicht tot notificeren of melden zelf, maar MND moet het makkelijker maken.
Lees het volledige bericht

Praktijk

Dienstenloket praktijk

Op de website van Antwoord voor bedrijven staan ‘producten’, waarvan sommigen onder de Dienstenrichtlijn vallen. Decentrale overheden zijn hiervan de bevoegde instanties. Ondernemers worden vanuit de productenpagina’s doorgeleid naar de inhoudelijke informatie bij de betreffende bevoegde instantie.

Koppeling producten

Om te controleren of de koppeling voor producten van uw organisatie juist is, kunt u het stappenplan vindbaarheid doorlopen. Als de koppeling niet goed is gelegd, kunt u hier ook lezen wat u moet doen.

Ruimtelijke ordening
Voorbeeld: kleine gemeente verbiedt komst groot warenhuis

Een kleine gemeente weigert de vergunning voor de vestiging van een groot warenhuis. De gemeente stelt dat de komst van het warenhuis ervoor zal zorgen dat alle kleinere winkels in de kernen daarmee zullen verdwijnen en inwoners niet meer dichtbij huis hun boodschappen kunnen doen. Is dit gerechtvaardigd op basis van de Dienstenrichtlijn?

Niet-discriminerende werking

Er is geen sprake van discriminerende werking. We gaan ervan uit dat de gemeente dezelfde beslissing zou nemen bij een vergunningaanvraag van een Nederlands bedrijf als wanneer de vergunning door een bedrijf uit een andere lidstaat zou worden aangevraagd.

Dwingende reden van algemeen belang, niet zijnde een economisch motief

Aangezien het hier een kleine gemeente betreft waar waarschijnlijk geen ruimte is voor een groot warenhuis naast kleinere winkeltjes in de kernen, kan in dit geval een beroep op bescherming van het voorzieningenniveau gerechtvaardigd zijn. Waarschijnlijk leidt de komst van het warenhuis daadwerkelijk tot duurzame ontwrichting van het voorzieningenniveau.

In een grotere gemeente zal dit niet snel aangenomen worden en een beroep van de ondernemer op handelen van de gemeente in strijd met art. 14 lid 5 Dienstenrichtlijn kans van slagen hebben. Dat de komst van een groot warenhuis de bestaande winkeliers in economische problemen kan brengen mag geen reden zijn.

Vergunning vooraf evenredig?

Wanneer er inderdaad sprake zou zijn van een dwingende reden van algemeen belang, moet vervolgens gekeken worden of dit belang niet ook met minder vergaande maatregelen dan een vergunning gerealiseerd zou kunnen worden. Mogelijk zou men in dit geval kunnen stellen dat maatregelen achteraf te laat komen omdat de kleinere winkels dan al vertrokken zijn.

Conclusie

De bovengenoemde brancheringsregel kan dus mogelijk gerechtvaardigd worden, maar het voorbeeld toont wel aan dat het moeilijk kan zijn motieven van verboden bescherming van de zittende winkeliers buiten de overwegingen te houden. Dit is echter afhankelijk van de omstandigheden van het geval en zal zeker niet altijd mogelijk zijn.

Praktijkvragen

Mag een gemeente een schaarse vergunning voor onbepaalde tijd verlenen?
Onze gemeente hanteert een vergunningstelsel voor standplaatsen voor het plaatsen van onder andere marktkramen en snackkarren. Deze standplaatsvergunningen worden in beperkte hoeveelheden verstrekt. Mag de gemeente dergelijke standplaatsvergunningen voor onbepaalde tijd verlenen, zonder hierbij in strijd te handelen met de Europese regelgeving inzake vrij verkeer?

Bekijk het antwoord

Is de Dienstenrichtlijn van toepassing op detailhandel in supermarkten?
Onze gemeente heeft de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het vestigen van een supermarkt geweigerd. De reden is dat er in het winkelcentrum waarvoor de aanvraag gedaan werd al een supermarkt gevestigd is. Met de komst van een tweede supermarkt zou de maximale verkoopvloeroppervlakte van supermarkten zoals vastgelegd in onze planregels worden overschreden. De supermarkt stelt nu dat de afwijzing in strijd is met de Europese Dienstenrichtlijn. Klopt het dat de Dienstenrichtlijn van toepassing is op detailhandel in supermarkten?

Bekijk het antwoord

Moeten wij een DAEB-besluit toetsen aan de Gids DAEB?
Onze provincie wil een DAEB aanwijzen volgens het DAEB-vrijstellingsbesluit. Moeten wij ons DAEB-aanwijzingsbesluit toetsen aan de recent verschenen gids van de Europese Commissie over de toepassing van DAEB?

Bekijk het antwoord

Valt het aanbieden van reclamezuilen onder het EU recht?
Valt het aanbieden van reclamemogelijkheden door onze gemeente onder de noemer van het EU recht? Denk hierbij aan het verhuren van lichtmasten en/of reclamezuilen en de verhouding tot het Europees aanbestedingsrecht of mededingingsrecht. Er staan diverse ondernemingen in de rij om een bod te doen voor een meerjaarlijks contract.

Bekijk het antwoord

Mogen wij verplichten vergunningaanvragen in het Nederlands te doen?
Een dienstverlener uit een andere lidstaat wil bij onze gemeente verschillende vergunning aanvragen waarvan sommigen onder de reikwijdte van de Dienstenrichtlijn vallen en anderen niet. We willen de vergunningaanvrager verplichten de aanvraag in het Nederlands te doen. Levert dit strijd met de Europese vrij verkeersregels op?

Bekijk het antwoord

Is de LSP van toepassing op de Wet Kinderopvang?
Sinds 2010 moet iemand die een gastouderbureau wil beginnen daarvoor een aanvraag doen bij het college van B&W van de gemeente (art. 1.45 Wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen). Uiterlijk tien weken na de aanvraag geeft het college een beschikking af aan de houder van het gastouderbureau. Is de Dienstenrichtlijn op dit artikel van toepassing? En zo ja, geldt daarbij de Lex Silencio Positivo (LSP)?

Bekijk het antwoord

Publicaties

Lex Silencio Positivo publicaties

Dienstenwet, over de invoering van paragraaf 4.1.3.3 en de Memorie van Toelichting Dienstenwet
Kamerbrief over LSP, 26 februari 2009
Nut en toepassingsbereik LSP, advies Actal, 16 februari 2009
Mogelijkheden toepassing LSP bij gemeentelijke vergunningen en ontheffingen, rapport werkgroep Lex Silencio van de Pioniergemeenten in samenwerking met de Regiegroep Regeldruk, april 2009
Hoe kunt u de Lex Silencio Positivo invoeren, ministerie van Economische Zaken, mei 2009
Factsheet Lex Silencio Positivo, april 2009

Notificeren publicaties

Handleiding Notificeren onder de Dienstenrichtlijn, met aanvullende module voor decentrale overheden

Voorbeeldnotificaties VNG

Voor gemeenten die een VNG-modelverordening één op één overnemen, geldt dat bij een notificatie alleen aan het coördinatiepunt (dienstenrichtlijn@minez.nl) hoeft te worden gemeld dat de gemeente de modelverordening overneemt.

Voorbeeldnotificatieformulier

Het coördinatiepunt gebruikt dan een in overleg met de VNG opgesteld voorbeeldnotificatieformulier om de notificatie bij de Europese Commissie te doen. Gemeenten die geen VNG-modelverordeningen gebruiken, maar in hun eigen verordeningen soortgelijke bepalingen gebruiken kunnen deze formulieren gebruiken als voorbeeld en hulpmiddel bij hun eigen notificaties.

Voorbeeldnotificatieformulieren:
Model APV

APV vergunning evenement, art. 2:25 lid 1
APV melding klein evenement, art. 2:25 lid 2
APV gebiedsaanwijzing straatartiest, art. 2:9 lid 1-2
APV ontheffing straatartiest, art. 2:9 lid 3
APV vergunning seksinrichting, art. 3:4
APV gedragseisen exploitant seksinrichting, art. 3:5
APV vergunning snuffelmarkt, art. 5:23
APV vergunning standplaats, art. 5:18
APV regels voor venters, art. 5:13

Modelbouwverordening

Bouwverordening, art. 2.1.5
Bouwverordening, art. 4.8
Bouwverordening, art. 4.10
Bouwverordening, art. 4.11
Bouwverordening, art. 4.12
Bouwverordening, art. 4.13
Bouwverordening, art. 7.3.2
Bouwverordening, art. 8.3.4
Bouwverordening, art. 8.3.5
Bouwverordening, art. 8.4.1

Overig

Brandbeveiligingsverordening, art. 2 en 3
Marktverordening organisatiemodel. art. 4 t/m 7 en 10
Afvalstoffenverordening, art. 2 en 6

Zie ook

VNG ledenbrief, Voorbeeldnotificatieformulieren Dienstenrichtlijn

Wet- en regelgeving

Wat is notificeren?
Regeling indicatieve vaststelling reikwijdte Dienstenwet

Alle vergunningstelsels en eisen van zowel het Rijk als decentrale overheden en andere openbare lichamen die in ieder geval onder de Dienstenrichtlijn vallen, zijn te vinden in de bijlage van de Regeling indicatieve vaststelling reikwijdte Dienstenwet.

De reikwijdte van de Dienstenwet is geregeld in art. 2 lid 1 van die wet, waarin verwezen wordt naar de Dienstenrichtlijn.

Art. 2 lid 2 Dienstenwet bepaalt dat lid 1 in ieder geval geldt voor de eisen en vergunningstelsels die zijn opgenomen in een ministeriële regeling, dat betreft de regeling reikwijdte. In de regeling reikwijdte zijn alle screeningsresultaten die eind 2009 beschikbaar kwamen gepubliceerd. Benadrukt dient daarbij wel te worden dat de regeling niet uitputtend pretendeert te zijn.

Basis regelgeving

De screeningsresultaten zoals die zijn aangeleverd vormen de basis voor deze regeling. Dit betekent dat wanneer overheden geen screeningsresultaten hebben aangeleverd ook geen vermelding in de regeling heeft plaatsgevonden. Uiteindelijk wordt de reikwijdte van de Dienstenwet bepaald door de Dienstenrichtlijn zelf. Om deze regeling actueel te houden, is het noodzakelijk dat (decentrale) overheden nieuwe, gewijzigde en ingetrokken eisen en vergunningstelsels notificeren bij het ministerie van BZK en/of melden bij het ministerie van EZ.